ECLI:NL:RBNNE:2020:1620
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bouwleges en legalisatiekosten bij aanvraag omgevingsvergunning na aanvang bouw
Eiser was huurder en later eigenaar van een woning waar zonder vergunning bouwwerkzaamheden werden verricht. De gemeente stelde eiser in de gelegenheid om deze werkzaamheden te legaliseren door een omgevingsvergunning aan te vragen. Eiser vroeg de vergunning aan nadat de bouw al was begonnen en schatte de bouwkosten op €80.000 exclusief btw. De gemeente legde bouwleges op, inclusief een verhoging van 50% wegens late aanvraag.
Eiser betwistte de bouwleges omdat advies-, architect- en verzekeringskosten ten onrechte in de bouwkosten waren meegenomen, terwijl volgens hem deze kosten niet tot de bouwkosten behoren volgens NEN 2631. Daarnaast stelde hij dat de verhoging wegens late aanvraag niet terecht was omdat de bouwwerkzaamheden al waren begonnen voordat hij eigenaar werd.
De rechtbank oordeelde dat NEN 2631 deze kosten wel degelijk als bouwkosten classificeert en dat de verhoging van 50% terecht is omdat de aanvraag na aanvang van de bouwactiviteiten werd ingediend. De rechtbank vond dat eiser de extra kosten van legalisatie redelijkerwijs zelf moest dragen, ook al was hij nog geen eigenaar ten tijde van de bouwstart.
Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter G. Kattenberg op 20 april 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag bouwleges en de verhoging van 50% wegens late aanvraag wordt ongegrond verklaard.