Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De standpunten
4.De beoordeling
Ten aanzien van het gezag
5.De beslissing
woensdag 26 februari 2020in tegenwoordigheid van de griffier.
Arnhem-Leeuwarden
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
De man verzocht de rechtbank om gezamenlijk gezag over zijn minderjarige dochter te verkrijgen en een uitgebreide omgangsregeling vast te stellen. De moeder verzette zich tegen deze verzoeken en stelde dat de omgangsregeling reeds door de kinderrechter was vastgesteld en niet gewijzigd hoefde te worden. De gezinsvoogd en Raad voor de Kinderbescherming onderschreven het belang van uitbreiding van het contact tussen vader en kind en de toewijzing van gezamenlijk gezag.
De rechtbank oordeelde dat gezamenlijk gezag in het belang van het kind is, ondanks de gebrekkige communicatie tussen de ouders. Er was geen aannemelijk risico dat het kind klem zou raken. De moeder werd opgeroepen haar stress te verminderen en mee te werken aan een goede samenwerking. De omgangsregeling kon niet via dit verzoek worden gewijzigd, omdat deze onder toezicht van de kinderrechter valt. De man werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot wijziging van de omgang.
De rechtbank besloot het gezamenlijk gezag toe te wijzen en verklaarde het verzoek tot wijziging van de omgangsregeling niet-ontvankelijk. Proceskosten werden niet toegewezen. Het vonnis werd uitgesproken door kinderrechter S.M. Barkhuijsen-Venselaar te Leeuwarden op 26 februari 2020.
Uitkomst: Het verzoek tot gezamenlijk gezag wordt toegewezen en het verzoek tot wijziging omgangsregeling wordt niet-ontvankelijk verklaard.