Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
oplichting, meermalen gepleegd en medeplegen van oplichting;
medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd en medeplegen van oplichting;
oplichting.
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partij
1. [slachtoffer 1] namens [benadeelde partij 1] , tot een bedrag van € 769,90 ter zake van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
2. [slachtoffer 5] namens [benadeelde partij 4] , tot een bedrag van € 1.359,05 ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan;
3. [slachtoffer 10] namens [benadeelde partij 8] , tot een bedrag van € 422,- ter vergoeding van materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.
Toepassing van wetsartikelen
Uitspraak
De rechtbank
een gevangenisstraf voor de duur van 1 jaar.
[slachtoffer 1]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 375,-(zegge: driehonderd vijfenzeventig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf
[slachtoffer 5]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 1.359,05(zegge: duizend driehonderd negenenvijftig euro en vijf eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 8 februari 2017.
[slachtoffer 10]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 422,-(zegge: vierhonderd tweeëntwintig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 3 februari 2017.
[slachtoffer 19]toe en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 1.526,37(zegge: duizend vijfhonderd zesentwintig euro en zevenendertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 januari 2017.
[slachtoffer 6]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van
€ 1.500,-(zegge: duizend vijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf