ECLI:NL:RBNNE:2019:2964
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrente terecht geheven na verwisseling aangiftebiljetten omzetbelasting
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting met belastingrente die door de Belastingdienst is opgelegd na een vergissing bij het indienen van de aangiftebiljetten voor het eerste kwartaal van 2016. Bij het indienen zijn de aangiftebiljetten van eiseres en die van de fiscale eenheid verwisseld, wat leidde tot een naheffingsaanslag aan eiseres en een teruggaaf aan de fiscale eenheid.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd en dat de belastingrente overeenkomstig artikel 30h van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) terecht in rekening is gebracht, omdat de aanslag na het kalenderjaar waarop de belasting betrekking heeft is vastgesteld. De stelling van eiseres dat er geen werkelijk rente-nadeel is geleden vanwege de economische samenhang met de fiscale eenheid, werd verworpen.
Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en de zogenaamde schrijf- en tikfoutenleer bood geen grond voor het toewijzen van het beroep. De rechtbank benadrukte dat zij gebonden is aan de wet en geen ruimte heeft om af te wijken van de wettelijke bepalingen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep van eiseres tegen de naheffingsaanslag en belastingrente ongegrond.