ECLI:NL:RBNNE:2018:969
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag met pistool en verboden wapenbezit
Op 15 september 2017 schoot verdachte met een pistool van zeer korte afstand op het slachtoffer, waarbij het slachtoffer ernstig gewond raakte aan de nek. De rechtbank achtte poging tot moord niet bewezen vanwege het ontbreken van voorbedachte raad, maar stelde vast dat sprake was van poging tot doodslag met voorwaardelijk opzet. Verdachte had een geladen pistool bij zich en loste meerdere schoten, waarbij het slachtoffer werd geraakt.
De rechtbank verwierp het verweer van noodweer, omdat verdachte de confrontatie had gezocht en gewapend was. De verklaringen van getuigen werden als betrouwbaar beoordeeld ondanks enkele tegenstrijdigheden. Daarnaast werd bewezen verklaard dat verdachte verboden wapendelen en munitie in bezit had.
De rechtbank hield rekening met de psychiatrische stoornissen en verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte, evenals zijn beperkte intellectuele vermogens en alcoholgebruik ten tijde van het feit. Gezien de ernst van de feiten en het gevaar voor de samenleving werd een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vier jaar opgelegd.
De benadeelde partij kreeg een schadevergoeding toegewezen van € 8.235,97 plus wettelijke rente wegens materiële en immateriële schade. De rechtbank verklaarde een deel van de vordering niet ontvankelijk wegens onvoldoende onderbouwing. De inbeslaggenomen wapendelen en munitie werden onttrokken aan het verkeer.
Het vonnis is gewezen door mr. A.H.M. Dölle, voorzitter, mr. K. Post en mr. H.G. Punt, en uitgesproken op 15 maart 2018 door de Rechtbank Noord-Nederland.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf voor poging tot doodslag en verboden wapenbezit met toekenning van schadevergoeding aan het slachtoffer.