ECLI:NL:RBNNE:2018:808
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Th.A. Wiersma
- C.H. Beuker
- M. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs opzet medeplichtigheid afpersing en vrijheidsberoving
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 8 maart 2018 de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van medeplichtigheid aan afpersing en wederrechtelijke vrijheidsberoving van het slachtoffer. De tenlastelegging omvatte onder meer het vervoeren van het slachtoffer en het bijdragen aan de gevangenneming en mishandeling.
De officier van justitie vorderde vrijspraak wegens het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs. De verdediging stelde dat verdachte niet het vereiste dubbele opzet had om medeplichtigheid te bewijzen. Uit het dossier en verklaringen van het slachtoffer, medeverdachten en verdachte zelf bleek dat verdachte niet op de hoogte was van de misdrijven en niet was betrokken bij de uitvoering daarvan.
De rechtbank concludeerde dat er geen bewijs was dat verdachte wist van de afpersing en vrijheidsberoving, noch dat hij daaraan bewust heeft bijgedragen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastelegging. Het vonnis werd gewezen door drie rechters, waarvan één niet medeondertekende.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van bewijs dat hij op de hoogte was van en heeft bijgedragen aan de afpersing en vrijheidsberoving.