ECLI:NL:RBNNE:2018:606
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs ontuchtige handelingen met minderjarige
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 22 februari 2018 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen met een vijftienjarig meisje in juni 2017 te Assen. De tenlastelegging omvatte onder meer het gebruik van geweld en het dwingen tot ontuchtige handelingen.
Tijdens de terechtzitting op 8 februari 2018 heeft de officier van justitie vrijspraak gevorderd wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. De verdediging sloot zich hierbij aan. De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om het primair en subsidiair ten laste gelegde te bewijzen.
De benadeelde partij had zich als partij in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding, maar de rechtbank verklaarde deze vordering niet-ontvankelijk omdat het strafrechtelijk feit niet bewezen was. De vordering kan alleen bij de burgerlijke rechter worden ingediend. De rechtbank bepaalde tevens dat het in beslag genomen t-shirt van de benadeelde aan haar wordt teruggegeven en dat partijen hun eigen kosten dragen.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs voor ontuchtige handelingen met een minderjarige.