ECLI:NL:RBNNE:2018:470
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Taakstraf voor opzettelijk aanwezig hebben van grote hoeveelheid hennep en hasjiesj als inkoper softdrugs
Op 8 december 2015 werd in een gehuurde loods van verdachte een grote hoeveelheid hennep en hasjiesj aangetroffen. Verdachte, inkoper van softdrugs voor een coffeeshop, verklaarde dat hij deze softdrugs leverde aan de coffeeshop, maar ook een deel van de hennep met laag THC-gehalte doneerde aan derden, wat niet onder het gedoogbeleid valt.
De rechtbank stelde vast dat de aangetroffen hoeveelheden hennep en hasjiesj correct waren berekend, rekening houdend met het gewicht van het verpakkingsmateriaal. Verdachte werd wettig en overtuigend bewezen dat hij opzettelijk deze middelen aanwezig had, wat strafbaar is volgens de Opiumwet.
De verdediging verzocht om toepassing van artikel 9a Sr, waardoor geen straf zou worden opgelegd, vanwege het gedoogbeleid voor coffeeshops. De rechtbank verwierp dit omdat de donaties aan derden buiten het gedoogbeleid vielen.
Gezien de omstandigheden, het feit dat ongeveer 75% van de hennep niet bestemd was voor verkoop vanwege laag THC-gehalte, en het ontbreken van eerdere veroordelingen, legde de rechtbank een taakstraf van 80 uren op met vervangende hechtenis van 40 dagen bij niet-nakoming.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 80 uren wegens het opzettelijk aanwezig hebben van hennep en hasjiesj.