ECLI:NL:RBNNE:2018:4538
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen en bezit drugs
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 8 november 2018 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van witwassen en het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne en heroïne. Het openbaar ministerie vorderde veroordeling op basis van onder meer een kasopstelling, de aanwezigheid van dure goederen en drugs in een opslagruimte.
De verdediging voerde aan dat verdachte concrete, verifieerbare verklaringen had gegeven over de herkomst van het geld en de goederen, en dat er geen bewijs was dat verdachte zich bewust was van de aanwezigheid van de drugs. De rechtbank oordeelde dat het openbaar ministerie onvoldoende bewijs had geleverd om het ten laste gelegde wettig en overtuigend te bewijzen.
Met betrekking tot witwassen was er geen rechtstreeks verband tussen de goederen en een misdrijf, en de verklaring van verdachte werd als geloofwaardig beoordeeld. Over het bezit van drugs stelde de rechtbank vast dat de heroïne in een opslagruimte lag waar ook anderen toegang hadden, en dat niet duidelijk was waar de cocaïne was aangetroffen, waardoor opzet niet bewezen kon worden.
De rechtbank verklaarde verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten en bepaalde dat de in beslag genomen nephorloges onttrokken worden aan het verkeer. Tevens wees zij de vorderingen tot tenuitvoerlegging van eerdere voorwaardelijke straffen af.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen en opzettelijk bezit van cocaïne en heroïne wegens onvoldoende bewijs.