ECLI:NL:RBNNE:2018:395
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken bewijs voor schuldwitwassen van geld afkomstig uit oplichting
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 6 februari 2018 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van witwassen van geld dat afkomstig zou zijn uit oplichting. Het betrof een bedrag van €370.000 dat op 10 juli 2012 werd overgeschreven van een bedrijfsrekening naar de bankrekening van verdachte.
De officier van justitie eiste een werkstraf van 60 uur, terwijl de verdediging pleitte voor vrijspraak. De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend was bewezen dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld uit een misdrijf afkomstig was.
Verdachte had geen rol gespeeld in de oplichting en was niet op de hoogte van de betrokkenheid van haar partner bij het misdrijf. Bovendien was het geld bedoeld voor een bouwdepot en werd het op haar rekening gestort omdat het niet lukte het rechtstreeks over te maken. De rechtbank achtte haar verklaring geloofwaardig en sprak haar vrij van het ten laste gelegde witwassen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat niet is vastgesteld dat zij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld uit een misdrijf afkomstig was.