ECLI:NL:RBNNE:2018:3214
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.B.M. Keurentjes
- P.H.M. Smeets
- M. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Verlenging terbeschikkingstelling en voorwaardelijke beëindiging verpleging overheidswege na doodslag
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 1 augustus 2018 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling (TBS) van de veroordeelde, die eerder was opgelegd wegens tweemaal doodslag en eenmaal poging tot doodslag. De TBS was aanvankelijk gestart in 2015 en reeds eenmaal verlengd in 2017.
De instelling waar de veroordeelde wordt behandeld, de Van der Hoevenkliniek, adviseerde de TBS met een jaar te verlengen en de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen. Dit advies was gebaseerd op het feit dat de veroordeelde sinds detentie abstinent is van middelen, het risico op gewelddadig gedrag laag is bij voorwaardelijke beëindiging, en dat het risico op langere termijn matig blijft, vooral bij terugval in middelengebruik.
De reclassering onderschreef dit advies en stelde voorwaarden voor begeleiding en toezicht. De officier van justitie wilde de TBS verlengen maar vond een voorwaardelijke beëindiging prematuur vanwege de narcistische dynamiek en cognitieve inflexibiliteit van de veroordeelde. De raadsvrouw van de veroordeelde pleitte juist voor voorwaardelijke beëindiging, benadrukkend dat het risico vooral samenhangt met middelengebruik, waarvan de veroordeelde vier jaar abstinent is.
De rechtbank oordeelde dat verlenging van de TBS noodzakelijk is voor de veiligheid van anderen, maar dat onder de gestelde voorwaarden het recidiverisico voldoende is teruggebracht om de verpleging voorwaardelijk te beëindigen. De rechtbank stelde uitgebreide voorwaarden aan de veroordeelde, waaronder abstinentie, begeleiding, meldingsplicht, en beperkingen in bewegingsvrijheid.
Uitkomst: De terbeschikkingstelling wordt met één jaar verlengd en de verpleging van overheidswege voorwaardelijk beëindigd onder strikte voorwaarden.