Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het geschil
4.De standpunten van partijen en de beoordeling daarvan
€ 400,00
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoeker was in dienst bij Astrea en beëindigde de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden via een vaststellingsovereenkomst waarin een vergoeding van €15.000 bruto was afgesproken, uit te betalen in vier termijnen.
Na betaling van de eerste twee termijnen bleef Astrea in gebreke met de derde en vierde termijn. Verzoeker vorderde nakoming van de overeenkomst, wettelijke rente en incassokosten.
Astrea stelde niet-ontvankelijkheid in verband met een vervaltermijn voor de transitievergoeding, maar de kantonrechter oordeelde dat de vordering ziet op nakoming van de overeenkomst en niet op de transitievergoeding zelf.
De kantonrechter veroordeelde Astrea tot betaling van de resterende €7.500 bruto, wettelijke rente over de laatste twee termijnen vanaf respectievelijk 16 augustus en 16 september 2017, en buitengerechtelijke incassokosten van €728,10. Proceskosten werden eveneens aan verzoeker toegewezen.
Uitkomst: Astrea wordt veroordeeld tot betaling van €7.500 bruto, wettelijke rente en incassokosten.