ECLI:NL:RBNNE:2018:2140
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen van handel in harddrugs gedurende elf maanden
De rechtbank Noord-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor het medeplegen van de handel in harddrugs, namelijk cocaïne en heroïne, gedurende de periode van 1 januari 2016 tot en met 16 november 2016. Verdachte handelde samen met zijn broer en erkende de handel voor de periode van 1 juni 2016 tot 12 november 2016, maar betwistte de periode daarvoor. De rechtbank achtte het bewijs, bestaande uit verklaringen van meerdere getuigen die verdachte en zijn broer herkenden en het gebruik van een specifiek telefoonnummer en een Renault Clio, voldoende betrouwbaar en overtuigend voor de gehele periode vanaf 1 januari 2016.
De rechtbank overwoog dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het opzettelijk verkopen, afleveren en vervoeren van harddrugs, wat een ernstig delict is vanwege de gezondheidsrisico's voor gebruikers en de maatschappelijke schade. Ondanks dat de landelijke oriëntatiepunten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voorschrijven, besloot de rechtbank hiervan af te wijken vanwege het tijdsverloop en het ontbreken van eerdere veroordelingen voor soortgelijke feiten. De opgelegde straf bestaat uit een taakstraf van 240 uur met een vervangende hechtenis van 120 dagen en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden met een proeftijd van drie jaar.
De uitspraak werd gedaan op 25 april 2018 door de meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Nederland, waarbij mr. K. Post voorzitter was, samen met mr. H.G. Punt en mr. G.W.G. Wijnands als rechters. De straf is bedoeld om verdachte af te schrikken van toekomstige drugshandel en de maatschappelijke belangen te beschermen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 240 uur taakstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden wegens medeplegen van handel in harddrugs.