ECLI:NL:RBNNE:2018:1986
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- R.B.M. Keurentjes
- P.H.M. Smeets
- S. Zwarts
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot beëindiging strafzaak wegens onredelijke termijn
Verzoeker werd op 29 januari 2016 aangehouden op verdenking van rijden onder invloed en rijden zonder rijbewijs. De inhoudelijke behandeling van de zaak stond gepland voor 14 april 2016, maar werd op verzoek van het openbaar ministerie voor onbepaalde tijd aangehouden. Ondanks herhaaldelijke verzoeken van de verdediging bleef de zaak stil liggen zonder reactie van het OM.
De verdediging verzocht op 9 april 2018 om beëindiging van de strafzaak wegens het lange tijdsverloop en de geringe ernst van de feiten. Het openbaar ministerie verzette zich hiertegen en verwees naar een geplande zitting op 28 juni 2018 en jurisprudentie van de Hoge Raad.
De rechtbank oordeelde dat het handelen van het openbaar ministerie in strijd was met de beginselen van een behoorlijke procesorde, waardoor verzoeker onredelijk lang in onzekerheid verkeerde. Gezien het tijdsverloop en het gebrek aan redelijke grond voor voortzetting van de vervolging, wees de rechtbank het verzoek toe en verklaarde de strafzaak geëindigd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de strafzaak tegen verzoeker geëindigd wegens onredelijke termijn en beëindigt de vervolging.