ECLI:NL:RBNNE:2017:682
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak hypotheekadviseur poging tot oplichting en valsheid in geschrifte
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 24 februari 2017 de zaak tegen een hypotheekadviseur die werd verdacht van poging tot oplichting en valsheid in geschrifte in het kader van hypotheekaanvragen bij Obvion B.V.
Verdachte had namens een aanvrager meerdere hypotheekaanvragen ingediend met documenten waarin onjuiste gegevens stonden over de arbeidsverhouding, het jaarinkomen en de gezinssituatie van de aanvrager. De officier van justitie vorderde vrijspraak omdat niet kon worden bewezen dat verdachte opzettelijk handelde. De verdediging stelde dat verdachte niet wist dat de gegevens onjuist waren en geen opzet had om te misleiden.
De rechtbank onderzocht verklaringen van betrokkenen, waaronder medewerkers van Obvion en de aanvrager zelf. De verklaringen van de aanvrager en diens directeur waren tegenstrijdig en van geringe betrouwbaarheid. De verklaringen van Obvion-medewerkers over wat verdachte tijdens een gesprek in 2013 had gezegd, waren cruciaal maar konden niet met zekerheid worden vastgesteld vanwege tijdsverloop en mogelijke misinterpretaties.
Gezien het ontbreken van overtuigend bewijs dat verdachte wist dat de gegevens onjuist waren, sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten. De rechtbank oordeelde dat verdachte niet opzettelijk valse documenten had ingediend of gebruikt.
De uitspraak benadrukt het belang van overtuigend bewijs bij poging tot oplichting en valsheid in geschrifte, en dat twijfel in het voordeel van de verdachte moet worden uitgelegd.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij op de hoogte was van onjuiste gegevens in hypotheekaanvraag en documenten.