Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Het procesverloop
R.B.M. Keurentjes,
P.H.M. Tapper-Wesselsen
M. Sanna(hierna: "de rechters") gewraakt in de procedure met C18/178731/PR RK 17-315.
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoeker heeft een voorwaardelijk wrakingsverzoek ingediend tegen de rechters die betrokken zijn bij de behandeling van een andere procedure. Het verzoek richtte zich op het niet honoreren van een verzoek tot het indienen van schriftelijke stukken na sluiting van de mondelinge behandeling.
De rechtbank overweegt dat voorwaardelijke wraking niet mogelijk is omdat het verzoek niet is gedaan op het moment dat de feiten of omstandigheden bekend werden die aanleiding geven tot wraking. Daarnaast ontbreekt het aan concrete feiten of omstandigheden die de schijn van vooringenomenheid of partijdigheid wekken.
Daarom wordt verzoeker niet-ontvankelijk verklaard en wordt bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in dezelfde procedure niet meer in behandeling wordt genomen. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het voorwaardelijke wrakingsverzoek wordt niet-ontvankelijk verklaard en de hoofdprocedure wordt voortgezet.