ECLI:NL:RBNNE:2017:4058
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- A.F. Gerding
- P.H.M. Smeets
- R.J.L. Timmer
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs medeplegen mishandeling kinderen
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 26 oktober 2017 de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van medeplegen van mishandeling van haar drie kinderen in de periode 2009-2015. Het openbaar ministerie vorderde een voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf, stellende dat verdachte niet alleen zelf mishandelingen had gepleegd, maar ook medeverdachte steunde door niet in te grijpen.
Verdachte bekende enkele lichte vormen van mishandeling, zoals het onder de koude douche zetten en een corrigerende tik, maar betwistte structurele mishandeling en medeplegen. De rechtbank stelde vast dat mishandelingen voor 13 januari 2010 waren verjaard en dat de verjaring door aanhouding in 2016 was gestuit. Er was onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat verdachte na die datum mishandelingen had gepleegd of medepleegde.
De rechtbank oordeelde dat het aandeel van verdachte beperkt was tot het niet ingrijpen en het zich niet distantiëren van medeverdachte, wat onvoldoende is voor medeplegen. Hoewel het nalaten van ingrijpen kwalijk werd genomen, koos het openbaar ministerie ervoor om medeplichtigheid niet ten laste te leggen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van medeplegen mishandeling.