ECLI:NL:RBNNE:2017:1853
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens gebrek aan bewijs voor betrokkenheid bij verborgen grondkluis met zwart geld
In deze strafzaak stond verdachte terecht wegens het vermeende witwassen door het verborgen houden van een grondkluis met een grote hoeveelheid geld en een horloge in haar woning te Leeuwarden. Het openbaar ministerie stelde dat verdachte, al dan niet samen met anderen, opzettelijk betrokken was bij het verbergen van deze kluis, terwijl zij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld afkomstig was uit een misdrijf.
Tijdens de terechtzitting van 14 april 2017 verscheen verdachte niet, maar haar advocaat was aanwezig. Zowel het openbaar ministerie als de verdediging concludeerden dat er onvoldoende bewijs was dat verdachte op de hoogte was van de kluis in haar woning. De rechtbank oordeelde dat het primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen.
De rechtbank stelde vast dat de kluis weliswaar in de woning van verdachte was aangetroffen en toebehoorde aan haar zoon, maar dat uit het dossier niet kon worden vastgesteld dat verdachte hiervan wist. Hierdoor kon haar geen medeplegen of medeplichtigheid aan witwassen worden verweten.
De rechtbank sprak verdachte daarom vrij van alle ten laste gelegde feiten. Dit vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de Noordelijke Fraudekamer op 22 mei 2017.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs dat zij wist van de aanwezigheid van de grondkluis met zwart geld in haar woning.