ECLI:NL:RBNNE:2017:1072
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- H.H.A. Fransen
- G. Eelsing
- R. Depping
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens hennepknippen over drie jaar
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 24 maart 2017 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte, die werd veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet door hennep te bewerken en verwerken. De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat op €1.800, gebaseerd op een ontnemingsperiode van drie jaar.
Tijdens de terechtzitting op 10 maart 2017 werden verdachte, zijn raadsman en de officier van justitie gehoord. De raadsman betwistte de duur van de ontnemingsperiode en stelde voor deze te beperken tot twee jaar, met een corresponderend bedrag van €1.200. De rechtbank oordeelde echter dat er voldoende aanwijzingen waren dat verdachte gedurende drie jaar hennep knipte, onderbouwd door verklaringen en het strafdossier.
De rechtbank stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €1.800, berekend als €600 per jaar over drie jaar. Verdachte werd verplicht dit bedrag aan de staat te betalen. Deze maatregel is gebaseerd op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht. De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Noord-Nederland te Assen.
Uitkomst: Verdachte is verplicht tot betaling van €1.800 aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.