Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer en het tegenverzoek
5.De beoordeling
Kamerstukken II, 2013-2014, 33 818, nr. 3, pag. 34).
Rechtbank Noord-Nederland
Wester-Beton heeft verzocht de arbeidsovereenkomst met haar werknemer te ontbinden op grond van een ernstig verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer erkent de verstoorde relatie en stemt in met ontbinding, maar verzoekt tevens om een billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever.
De kantonrechter oordeelt dat de arbeidsverhouding inderdaad ernstig is verstoord en kent de ontbinding toe per 1 april 2017, rekening houdend met de opzegtermijn en duur van de procedure. De werknemer heeft recht op een transitievergoeding van €56.386,57 bruto, welke de werkgever wegens haar financiële situatie in zes maandelijkse termijnen mag voldoen.
Het verzoek om billijke vergoeding wordt afgewezen omdat geen ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever is vastgesteld. Fricties tussen werknemer en haar broer, de directeur, en het voortijdig beëindigen van mediation door de werknemer wegen niet zwaar genoeg.
Tot slot worden de proceskosten ieder voor eigen rekening genomen. De uitspraak is gedaan door kantonrechter E.Th.M. Zwart-Sneek te Leeuwarden op 16 november 2016.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 april 2017 en de transitievergoeding wordt in zes termijnen betaald; het verzoek om billijke vergoeding wordt afgewezen.