Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Vonnis van de meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken d.d.
14 november 2016 in de zaak van het openbaar ministerie tegen de verdachte
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
Een andere keer sloeg mijn vader mij met zijn vuist op mijn hoofd. Ik had een blauwe handafdruk van mijn vader in mijn been staan.
De heftigste mishandeling heeft plaatsgevonden twee dagen voordat ik ben weggelopen. Dat zal ergens in juli 2012 zijn geweest. Toen ik thuis kwam was mijn vader woest en heeft mij toen geslagen. Later zijn mijn vader en stiefmoeder samen naar mijn kamer gekomen en hebben ze mij samen geslagen. Ik heb een kussen voor mijn hoofd gedaan en met mijn armen de klappen proberen af te weren. Ik denk dat mijn vader mij toen ongeveer 30 keer geslagen heeft. Hij heeft mij op mijn hoofd, gezicht, armen en benen geslagen. Ik had hierdoor ook een bloedlip. De politie van Steenwijkerland, [verbalisant] , heeft hier destijds foto’s van gekregen.
Ik heb vier keer gezien dat pappa [slachtoffer 1] bij haar keel pakte en omhoog tilde. Hij pakt haar ook in haar kraag en tilt haar daaraan omhoog en schopt haar dan.
Ik zag dat [slachtoffer 1] mij blauwe plekken liet zien op haar rechterbovenbeen. Ik zag dat de blauwe plekken aan de voorzijde van haar been (boven haar knie) en op de zijkant van haar been/dijbeen. Ik zag verder dat [slachtoffer 1] mij een blauwe plek op de binnenkant van haar rechter elleboog/onderarm liet zien. Ik zag verder dat [slachtoffer 1] een blauwe plek aan de rechterzijde van haar gezicht, net wat voor haar oor. Ik heb van alle blauwe plekken foto’s gemaakt welke bij dit proces-verbaal worden gevoegd.
O: Ik toonde aan de getuige de foto's welke ik bij de aangifte van [slachtoffer 1] had ontvangen.
V: Herkent u het meisje op de foto?
A: Ja dat is [slachtoffer 1] . Ik had bij mij thuis die blauwe plekken ook al gezien. [slachtoffer 1] heeft in die tijd wel verteld hoe ze aan die blauwe plekken is gekomen. Ik weet nu niet meer onder welke omstandigheid. Het had in elk geval wel met geweld te maken gepleegd door haar vader en/of stiefmoeder ten aanzien van haar.
V: Wat is bij jou op je kop krijgen? Hoe gaat dat?
A: Dan gaat hij slaan en schoppen.
O: Laat zijn linkerhand zien waar plekjes op te zien zijn.
A: Het slaan en schoppen gebeurd echt heel vaak. Pappa slaat mij het meest.
Dan zie ik weer dat [slachtoffer 2] een klap voor zijn kop krijgt. Dat is dan met de vlakke hand op de zijkant van zijn hoofd. Dit doen mijn vader en mijn stiefmoeder allebei. Mijn vader pakte [slachtoffer 2] bij zijn haar, drukte hem met zijn hoofd in het bord waar nog gewoon avondeten in zat. [slachtoffer 2] zijn hele hoofd zat eronder. Toen liep hij om de tafel heen naar [slachtoffer 2] toe. [slachtoffer 2] zat in elkaar gedoken die wist al wat er ging gebeuren. Hij duwde [slachtoffer 2] van de stoel af en gaf hem een paar klappen tegen zijn hoofd. Daarna trapte hij een paar keer tegen [slachtoffer 2] zijn buik. [slachtoffer 2] zit dan in elkaar gedoken en is verdrietig en bang. Toen trok mijn vader hem aan zijn handen omhoog en tilde hem naar de keuken. Daarna veegde hij hem weer op de grond. Mijn vader zette zijn voet op de keel. Ik zag dat [slachtoffer 2] heel erg bang was en naar adem hapte.
toonde mij ook zijn buik. Ik zag dat hier een dun litteken, dwars over zijn buik zat, met een lengte van meer dan 10 centimeter.
gaf aan dat het letsel aan zijn been en buik het gevolg was van mishandeling door zijn vader.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
1 mishandeling, begaan tegen zijn kind, meermalen gepleegd
2 primair mishandeling, begaan tegen zijn kind meermalen gepleegd
3 mishandeling, begaan tegen zijn kind, meermalen gepleegd
Strafbaarheid van verdachte
Strafmotivering
Benadeelde partijen
Toepassing van wetsartikelen
DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT:
Een gevangenisstraf voor de duur van acht maanden.
vier maandenniet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd, welke hierbij wordt vastgesteld op drie jaren, aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.