ECLI:NL:RBNNE:2016:437
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging van contractuele boete wegens langdurige tolerantie te late huurbetaling
De zaak betreft een geschil tussen verhuurder [eiseres] en huurder [gedaagde] over de contractuele boete wegens te late betaling van huur. [eiseres] vordert betaling van €9.900 aan boetes over de periode 2010-2015, vermeerderd met rente en incassokosten, omdat [gedaagde] de huur 33 keer te laat betaalde.
[gedaagde] voert verweer dat er geen sprake was van structureel te laat betalen en dat [eiseres] nooit eerder aanspraak maakte op boetes, waardoor er een gerechtvaardigd vertrouwen kon ontstaan dat boetes niet zouden worden opgelegd. Ook wijst [gedaagde] op het buitensporige verschil tussen de boetes en de werkelijke schade en betwist dat de boetes niet verjaard zijn.
De kantonrechter oordeelt dat de boete op zich niet te hoog is, maar dat de omstandigheden waaronder het boetebeding is ingeroepen aanleiding geven tot matiging. Vanwege de langdurige tolerantie en het ontbreken van een voorafgaande waarschuwing, is het onaanvaardbaar om de boetes met terugwerkende kracht volledig te vorderen. Daarom wordt de boete gematigd tot een bedrag dat overeenkomt met de werkelijke schade, begroot op €615,15, vermeerderd met wettelijke rente. De incassokosten worden vastgesteld op 15% van dit bedrag, minimaal €40. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De boete wegens te late huurbetaling wordt gematigd tot €615,15 plus rente en incassokosten, met compensatie van proceskosten.