ECLI:NL:RBNNE:2016:2668
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- L.M.E. Kiezebrink
- P.H.M. Smeets
- L.W. Janssen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak bedienaar brug wegens onvoldoende bewijs schuld aan aanvaring binnenvaartschip
Op 4 september 2014 werd een binnenvaartschip beschadigd doordat het beweegbare gedeelte van een brug te vroeg werd neergelaten. Verdachte, als brugbedienaar verantwoordelijk voor twee bruggen, werd beschuldigd van schuld door onoplettendheid en het onveilig bedienen van de brug. Het openbaar ministerie stelde dat verdachte de knop 'brug neer' had ingedrukt of onvoldoende had geschouwd, waardoor het schip de brug raakte.
Verdachte ontkende de knop te hebben ingedrukt en stelde dat technische mankementen niet waren uitgesloten, gezien het ontbreken van diepgaand technisch onderzoek. Hij voerde aan dat hij de instructies had gevolgd en dat 'voortdurend schouwen' niet betekent dat hij beide bruggen constant moest monitoren.
De rechtbank oordeelde dat niet wettig en overtuigend kon worden bewezen dat verdachte schuld had aan het incident. De instructies konden zo worden uitgelegd dat schouwen alleen geldt voor de brug waarmee men feitelijk bezig is. Bovendien kon niet worden uitgesloten dat een technisch defect de oorzaak was. Daarom werd verdachte vrijgesproken en de strafbeschikking vernietigd.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van schuld aan het te vroeg neerlaten van de brug.