Uitspraak
Tenlastelegging
Bewijsvraag
De verklaring van [medeverdachte] , dat hij in opdracht van en in samenwerking met [verdachte] heeft gehandeld, vindt steun in de verklaringen van [getuige 1] en [getuige 2] .
De rechtbank leidt uit het voorgaande af en is van oordeel dat verdachte en zijn medeverdachte de overeenkomst met aangeefster zijn aangegaan met het enkele doel om zonder te betalen van de huur in het bezit te komen van het steigermateriaal.
Gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen acht de rechtbank bewezen dat verdachte en zijn medeverdachte zich tezamen en in vereniging bewust hebben voorgedaan als eigenaar van een bedrijf en in die hoedanigheid een bonafide klant, met het oogmerk om zichzelf te bevoordelen.
Strafbaarheid van het feit
Strafbaarheid van verdachte
Strafoplegging
Nu verdachte geen inzicht heeft gegeven in zijn persoonlijke omstandigheden, kan de rechtbank daarmee geen rekening houden.
De rechtbank ziet geen aanleiding om aan verdachte naast de onvoorwaardelijke straf een voorwaardelijke straf op te leggen.