ECLI:NL:RBNNE:2016:2346
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens kostenoverschrijding
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 22 januari 2016 een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel tegen de veroordeelde, die was veroordeeld voor medeplegen van het aanwezig hebben van hennep.
De officier van justitie vorderde een bedrag van € 2.500,- ontneming, gebaseerd op vijf oogsten van een hennepkwekerij waarbij per oogst € 500,- werd verdiend. De verdediging stelde dat de aan de energieleverancier betaalde kosten van € 4.944,28 in mindering moesten worden gebracht, waardoor het voordeel negatief zou zijn.
De rechtbank achtte het aannemelijk dat het voordeel € 2.500,- bedroeg, maar stelde vast dat de gemaakte elektriciteitskosten hoger waren dan dit bedrag. Daarom werd het ontnemingsbedrag vastgesteld op nihil en de vordering van de officier van justitie afgewezen.
De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer, waarbij de voorzitter en twee rechters het vonnis uitspraken na een openbare terechtzitting.
Uitkomst: De rechtbank stelt het ontnemingsbedrag vast op nihil en wijst de vordering van de officier van justitie af.