ECLI:NL:RBNNE:2015:5020
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot doorbetaling loon na ontslag op staande voet wegens niet-tijdige vernietiging
De werknemer trad op 15 november 2014 in dienst bij de werkgever als administratief medewerkster met een bruto maandsalaris van € 2.360,00 bij een 43-urige werkweek. Op 15 juli 2015 werd zij op staande voet ontslagen wegens diefstal, werkweigering en schending van de geheimhoudingsplicht. Tot die datum werd het loon doorbetaald.
De werknemer vorderde in kort geding dat de werkgever het loon zou blijven betalen, ook tijdens ziekte, en stelde dat het ontslag onrechtmatig was. De kantonrechter oordeelde dat de werknemer een spoedeisend belang had, maar dat zij niet tijdig een verzoek tot vernietiging van het ontslag had ingediend binnen de wettelijke termijn van twee maanden na het ontslag.
Omdat de dagvaarding pas op 18 september 2015 was betekend, was het verzoek niet tijdig. De kantonrechter concludeerde dat de arbeidsovereenkomst per 15 juli 2015 was geëindigd en wees de loonvordering af. De werknemer werd veroordeeld in de proceskosten van € 400,00.
Uitkomst: De vordering tot doorbetaling van loon na ontslag op staande voet wordt afgewezen wegens niet-tijdige vernietiging van het ontslag.