De zaak betreft een kort geding tussen een begeleider (eiseres) en haar werkgever Promens Care, een zorginstelling voor cliënten met een verstandelijke handicap. De werkgever verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens dringende redenen, subsidiair wegens gewijzigde omstandigheden, nadat tijdens een bewonersvakantie alcoholgebruik door begeleiders, waaronder eiseres, was geconstateerd.
De kantonrechter overwoog dat het gebruik van alcohol tijdens de vakantie weliswaar niet is toegestaan, maar dat de werkgever onvoldoende voorafgaand toezicht en waarschuwing heeft gegeven. De gedragsregels en werkinstructies bieden ruimte voor mildere sancties en het alcoholgebruik was in het verleden oogluikend toegestaan. Tevens was onvoldoende gebleken van onprofessioneel of onverantwoord handelen tijdens de vakantie.
Gezien het goede functioneren van eiseres in het verleden, de verstrekkende gevolgen van ontslag en het late tijdstip van non-actiefstelling en ontslagaanzegging, oordeelde de kantonrechter dat dringende redenen ontbraken. De werkgever werd veroordeeld tot wedertewerkstelling binnen een week en tot betaling van proceskosten. Het verzoek tot ontbinding werd afgewezen.