Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Stichting Noorderzon Groningen, te Groningen (gemachtigde: F. Eerland).
Rechtbank Noord-Nederland
De zaak betreft een verzoek om een voorlopige voorziening van een bewonersorganisatie tegen het gebruik van twee pachterslocaties (P21 en P23) buiten het officieel aangewezen evenemententerrein in het Noorderplantsoen tijdens het Noorderzon Performing Arts Festival.
Verzoekster betoogde dat het festival niet verder moet groeien en dat alleen de locaties gebruikt mogen worden die in het vergunningenbeleid en bestemmingsplan zijn aangewezen. Verweerder stelde dat de pachterslocaties ook in voorgaande edities zijn gebruikt zonder dat dit tot schade heeft geleid. Tevens is nieuw beleid vastgesteld dat meer flexibiliteit biedt bij het gebruik van het Noorderplantsoen voor evenementen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat geen van de weigeringsgronden uit de Algemene Plaatselijke Verordening Groningen 2009 van toepassing is. Ook is het nieuwe beleidskader van kracht, waarin geen harde begrenzing van het evenemententerrein geldt. De keuze van verweerder is een politieke afweging en niet onrechtmatig. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen, maar verweerder wordt wel opgedragen het betaalde griffierecht aan verzoekster te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het gebruik van twee pachterslocaties buiten het evenemententerrein wordt afgewezen.