Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Tenlastelegging
Beoordeling van het bewijs
DE UITSPRAAK VAN DE RECHTBANK LUIDT:
Rechtbank Noord-Nederland
Op 26 maart 2015 ontstond een conflict tussen verdachte en zijn buurman, waarbij het slachtoffer gewond raakte door snijwonden aan kin en borstbeen. De politie trof het slachtoffer bloedend aan en vond een mes met het DNA van het slachtoffer in de woning van verdachte.
De verklaringen van verdachte en slachtoffer verschilden fundamenteel over wie agressor was en hoe de verwondingen ontstonden. Er waren geen getuigen van de daadwerkelijke schermutseling, alleen getuigen die de situatie voor en na het incident konden beschrijven. Technisch bewijs kon beide versies ondersteunen.
De rechtbank oordeelde dat het primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen. De onduidelijkheid over de toedracht en het ontbreken van overtuigend bewijs leidde tot vrijspraak van verdachte. Tevens werd onmiddellijke invrijheidstelling bevolen.
Uitkomst: Verdachte werd vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs over de toedracht van de schermutseling.