Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
GEBRUIKSOVEREENKOMST
bijlage 3).
IN AANMERKING NEMENDE DAT:
het depot-bedrag);
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 816,00
Rechtbank Noord-Nederland
Het Tenniscentrum en de Healthclub exploiteren aangrenzende sportfaciliteiten en sloten in 2009 een gebruiksovereenkomst en depotovereenkomst waarbij een bedrag van €100.000,- door de Healthclub werd gestort op een notarieel depot ten behoeve van aanleg van tennisbanen en een verbindingsgang.
In 2015 vordert het Tenniscentrum in kort geding dat het depotbedrag aan haar wordt vrijgegeven, stellende dat de depotovereenkomst is ontbonden en dat nakoming van de verbintenis tot ongedaanmaking vereist dat het bedrag wordt uitgekeerd. De Healthclub betwist dit en voert aan dat het Tenniscentrum geen recht heeft op het bedrag en dat er geen spoedeisend belang is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de vordering feitelijk neerkomt op een betaling van een geldsom en dat hiervoor terughoudendheid geldt. Er is onvoldoende spoedeisend belang aangetoond en de betwisting door Healthclub is gemotiveerd. Daarom wijst de rechter de vordering af en veroordeelt het Tenniscentrum in de proceskosten en nakosten.
Uitkomst: De vordering tot uitbetaling van het depotbedrag wordt afgewezen wegens onvoldoende spoedeisend belang.