Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift
3.valsheid in geschrift, meermalen gepleegd
5.primairoplichting
6.primairmedeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd
7 verduistering door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft, meermalen gepleegd
8 verduistering door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft
9.B primairvalsheid in geschrift, meermalen gepleegd
10 verduistering door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft
11 verduistering door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft
12.A) valsheid in geschrift, meermalen gepleegd
13 verduistering door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft, meermalen gepleegd
14 verduistering door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft
1 primair verduistering, door hem die het goed uit hoofde van zijn beroep onder zich heeft, meermalen gepleegd
2.primairoplichting, meermalen gepleegd
3 primair oplichting, meermalen gepleegd
4.A) oplichting
5.A) bedrieglijke bankbreuk
Ter zitting is door de benadeelde partij toegelicht dat zij het krediet van € 50.000,- voor een bedrag van € 35.000,- bij [bedrijf 6] hebben kunnen afkopen. Deze regeling hebben zij alleen kunnen treffen door verplichte tussenkomst van een advocaat, reden waarom de advocaatkosten zijn opgevoerd.
5 jaren wordt ontzet uit het recht om het beroep van financieel dienstverlener uit te oefenen.
Veroordeelt veroordeelde in de kosten van het geding door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak alsnog te maken, tot heden begroot op nihil.
Dit heb ik toen gedaan via de rekening van mijn zoon, [naam 5]. Al mijn spaargeld heb ik overgemaakt. Dat was een bedrag van € 1.800,-, op 27 mei 2009.
De salarisstroken, jaaropgaven en dergelijk heb ik nooit gekregen. De salarisstroken hebben we bij de LNI-Bank opgevraagd.
V: [aangever 5] verklaarde dat jij hem hebt verzocht om een lening af te sluiten. Klopt dat?
A: Dat klopt wel.
V: [aangever 5] heeft aangegeven dat hij een lening heeft afgesloten van € 25.000,-. Wat is het verhaal hieromheen?
A: Klopt. Nou gewoon, hij wou mij helpen.
V: Heb je hem dat gevraagd?
A: Ja.
V: Hoe is dat verder gegaan dan?
A: Ik heb een lening voor hem aangevraagd.
V: [aangever 5] verklaarde dat jij een premie zou krijgen bij een bepaald aantal leningen. Jij zou de lening afsluiten, hij zou dan van jou de maandlasten en het uiteindelijke bedrag terugkrijgen. Klopt dat?
A: We zouden nog wat op papier zetten. Met de aflossing erin. Dat zou nog op papier moeten komen.
V: Waarom is het nooit op papier gekomen?
A: Het is erbij gebleven.
V: Waar was jij het geld voor nodig?
A: Zakelijk. Die € 25.000,- is niet naar de rekening van mijn moeder gegaan volgens mij. Die is op de zakelijke rekening terecht gekomen.
Ik heb, op verzoek van [verdachte], een lening afgesloten bij [naam 6] voor € 5.600,-. [verdachte] vertelde dat hij dit geld in depot kon doen en dan zou ik maandelijks € 56,- moeten betalen, maar € 72,- ontvangen. Ook zei [verdachte] dat ik het geld terug zou kunnen krijgen wanneer ik wilde. Nadat ik het bedrag had gekregen heeft [verdachte] geld overgemaakt. Dit gebeurde wel vaker, omdat hij alles regelde. Volgens [verdachte] zou ik mijn hypotheek dusdanig kunnen aanpassen/oversluiten dat ik een stuk bij mijn woning aan zou kunnen zetten. Zodoende sloot ik een lening af van € 125.000,- bij de SNS bank. Hiervan kwam € 25.000,- in depot. Ik zou € 250,- per maand krijgen.
A: Zij heeft wel bij ons op de loonlijst gestaan, maar zij heeft niet voor ons gewerkt. [verdachte] kwam op een gegeven moment naar ons toe. Hij legde uit dat hij klanten had die een nieuwe hypotheek wilden sluiten en daar om een aantal dingen bij in wilden hebben als persoonlijke leningen. Om op die manier een hogere hypotheek te kunnen afsluiten moesten die klanten een bepaald inkomen laten zien en dat konden die klanten niet. [verdachte] stelde toen voor dat wij die mensen op papier in dienst namen, salaris uitbetaalden en een salarisstrook toe zouden zenden. Op die manier konden die mensen dan aan de bank aantonen dat hun inkomen voldoende was. Dat zogenaamde dienstverband zou na een paar maanden weer opgeheven kunnen worden en daarna zouden wij het door betaalde salaris terugkrijgen met daarbij een soort provisie.
V: Heeft [verdachte] de door jullie betaalde salarissen en provisie ook terug betaald?
A: Wij hebben wel wat terugbetaald gekregen, maar niet alles en zeker de provisie niet.
[verdachte] werd onze financieel adviseur en beheerde in die hoedanigheid onze financiën. In anderhalf jaar tijd is ons leven echter veranderd in een nachtmerrie. Van een stabiele situatie zijn we diep in de schulden terecht gekomen.
Door [verdachte] zijn we een lening aangegaan. [verdachte] vertelde ons dat hij een premie zou krijgen wanneer bij een bepaald aantal leningen af zou sluiten in een jaar. Wij zouden een lening aangaan, en hij zou dit dan voor ons aflossen. Ook zouden we dan een geldbedrag krijgen voor onze hulp. Dat kwam ons erg goed uit, want we waren aan een andere auto toe. De lening van 25.000 Euro werd in januari 2010 afgesloten. Het bedrag werd op onze rekening gestort. Vanaf onze rekening hebben we een bedrag van 21.006,60 Euro op verzoek van [verdachte] overgemaakt op zijn rekening, zijnde [bankrekeningnummer 2]. Voor deze lening hebben we zelf getekend.
Ongeveer een maand later kwam [verdachte] weer langs, en vertelde dat het niet goed zat, het kon goedkoper. Vervolgens werd er een bedrag van 24.681,41 Euro op onze rekening gestort. Ook dit geld werd gestort op het rekeningnummer van [verdachte], zijnde [bankrekeningnummer 2] deze lening betalen we maandelijks 500 euro aan [naam 6], en zien we er helemaal niets voor terug.
Op 20 november 2011 is door [bedrijf 6] een bedrag van € 50,000,- bijgeschreven onder vermelding van “uitbetaling contractnr 003061381”.
Het saldo van de rekening is op 8 maart 2012 € 1.331,05.
V: Wat zegt deze salarisspecificatie u?
A: Het is niet de opmaak die ik altijd gebruik. Ik gebruik andere salarisspecificaties. Via mijn systeem kun je hem wel zo uitdraaien als hij hier op tafel ligt. [verdachte] zou dan via mijn computer dit verstuurd moeten hebben. Ik heb geen printer op het bedrijf.
O: Verbalisant toon een kopie van een contract.
V: Wat zegt dit contract u?
A: Niks. Op 8 augustus 2011 was ik in Turkije.
A: Ja.
V: Hoe hoog was de lening die hiervoor werd afgesloten?
A: Volgens mij was het een ton ofzo, 90.000 of 100.000?
V: Hoe kan het dat het maandbedrag dat de fam. [aangever 14] uiteindelijk moest betalen hoger was dan het bedrag wat ze daarvoor moesten betalen, dit in tegenstelling tot wat door u beloofd was?
A: Geen idee. We hebben toen afgesproken dat het 100.000 Euro werd.
V: Wat is er met het bedrag van € 12.000,- gebeurd?
A: Dat is gestort op mijn rekening.
V: Wat is er met dat geld gebeurd?
A: 2005? Weet ik niet.
V: U hebt de fam. [aangever 14] beloofd het bedrag van € 12.000,- aan hen terug te doen. Waarom is dat niet gebeurd?
A: Op dat moment kon dat niet. Geen financiële mogelijkheden.
V: Waarom is dat later niet gebeurd?
A: Dat is wel gebeurd. Met [aangever 14] had ik goed contact. Toen ik bij hun kwam, bleek dat zij kennissen waren met mijn schoonfamilie. Ik zou in 3 termijnen betalen, dat is mondeling besproken. Een termijn heb ik betaald. De volgende termijn liep een beetje uit. Dat is een beetje raar gegaan. Ze zijn toen naar een advocaat gegaan, en die wilde dat ze een rechtszaak aan moesten spannen. Toen ik op vakantie was is er een vonnis uitgesproken. Dat was 9000 Euro. En met die 9000 Euro heb ik een betalingsregeling gemaakt.
V: Is dat betaald?
A: Nee. Er is nu 1500 Euro. Het zou toen 300 euro per maand worden.
V: Hoeveel maanden heb je betaald?
A: 3 a 4 maanden.
A: lk ben naar de Rabobank in [plaats 5] geweest en heb daarvoor een rekening geopend. lk was daar alleen. Na het afsluiten van de rekening zijn alle papieren daarvan naar het postadres van [verdachte] gestuurd. lk wilde er niets mee te maken hebben.
belde meermalen van kantoor om te vragen om een inlogcode. Ik stopte dan mijn bankpas in de Random Reader en noemde vervolgens de inlogcode op, zodat hij kon inloggen. Dit was hij nodig om bepaalde zaken voor elkaar te maken. Wat voor zaken dit waren weet ik niet.
We krijgen geen afschriften van de lening, die gaan allemaal naar [verdachte].
A: De laatste was een lening die ze afsloten, van [aangever 19]. En ook een keer nog een leningovereenkomst van [bedrijf 11]. Later heb ik nog een stukje begeleiding gedaan bij een andere lening die [aangever 19] zelf had. V: Wat voor bedrag betrof dit?
A: Toen iets van € 20.000,-, wat zij heeft geboekt.
V: Wat is hier de reden van?
A: Ik ben hier financieel mee geholpen. Later kwam het faillissement. Toen kon ik niet meer terugbetalen.
V: Maar waarom hebben ze je geholpen dan? Dat initiatief lag toen niet bij hun?
A: Ik heb het voorgesteld.
V: Was dat nodig?
A: Ja
V: Waarom was dat nodig?
A: Ja goed, financiële middelen. Ik heb die portefeuille overgenomen van [medeverdachte 2]. En toen bij overname liep ik helemaal vast. Door dat hij niet opschoot met doorvoer van klanten.
V: Hoe komen die [aangever 18] aan dat geld dan?
A: Ze hebben een lening afgesloten. Ze hadden nog een bestedingsruimte en dat hebben ze overgeboekt. Ze hadden als een lening lopen en daar stond nog ruimte op.
V: Uit de afschriften van [bankrekeningnummer 4] van [aangever 19] blijkt dan op 21 september 2010 een bedrag van € 3.800,- op haar rekening is gestort door [naam 6]. Op 28 september 2010 werd er een bedrag van € 3.450,- van die rekening overgemaakt naar een rekening van [aangever 15], met als omschrijving Overboeking [bedrijf 17]. Wat kunt u hierover verklaren?
A: Zij hebben dat gedeelte extra opgenomen om mij te ondersteunen.
V: Twee keer dus?
A: Ja. Dat is in overleg gegaan, zij tekenden die stukken.
V: Verder werd op 26 maart 2009 een bedrag van € 19.927,13 gestort op [bankrekeningnummer 3] t.a.v. [aangever 18]. De volgende dag werd er een bedrag van € 20.095,05 van die rekening overgemaakt naar [bankrekeningnummer 7] op naam van [medeverdachte 2], o.v.v. [bedrijf 17], met als omschrijving Overboeking [bedrijf 17]. Wat kunt u hierover verklaren?
A: Dat is dat bedrag waar we het over hadden. Dat heeft zij overgeboekt.
V: De verhoging?
A: Nee. De opname van de bestedingslimiet.
V: Op 17 september 2010 werd door Aegon Nederland twee bedragen gestort op [bankrekeningnummer 4] t.n.v. [naam 7], en wel de volgende:
- een bedrag van € 5.327,37 kenmerk L604637770 [aangever 18]
- een bedrag van € 5.544,37 kenmerk L604620910 [aangever 19].
Vervolgens werden deze bedragen op 18 september 2010 doorgestort naar [bankrekeningnummer 1] onder vermelding van resp. “[doorboekingen]” en “[doorboekingen]” Het [bankrekeningnummer 1] was geen rekeningnummer van [naam 8]. Wat kunt u hierover zeggen?
A: Dat had officieel via een andere weg gemoeten. Dit is niet netjes gebeurd. Maar faillissement kwam eraan en ik daarom niks meer doen.
V: Heb je hier een strafbaar feit gepleegd?
A: Ja. Dit is gewoon strafbaar.
Op 27 maart 2009 wordt een bedrag van € 20.095,05 overgeboekt naar [bankrekeningnummer 10] van [medeverdachte 2] onder vermelding van ‘[bedrijf 17]’.
Op 17 september 2010 stort Aegon Nederland een bedrag van € 5.544,37 aan [aangever 19] met kenmerk L604620910.
Op 18 september 2010 wordt een bedrag van € 5.544,37 overgeboekt naar [bankrekeningnummer 1] van [naam 8] wn [aangever 15] onder vermelding van ‘[doorboekingen]’.
Pp 18 september 2010 wordt een bedrag van € 5.327,37 overgeboekt naar [bankrekeningnummer 1] van [naam 8] wn [aangever 15] onder vermelding van ‘[doorboekingen]’.
Op 28 september 2010 wordt een bedrag van € 3.450,- overgeboekt op [bankrekeningnummer 1] van [aangever 15] onder vermelding van ‘overboeking interbank‘.
Eind april 2008 gaf [verdachte] aan dat de man van de portefeuille wat moeilijk deed. Hij was meer geld nodig. Wij hadden A gezegd, en vonden dat we ook B moesten zeggen. Om die reden hebben we het krediet verhoogd, van 40.000 Euro naar 64.621,08 Euro. Ook het bedrag dat er bij was gekomen, dus de 24.621,08 Euro maakten we over op 28 april2008, op de eerder weergegeven rekening van [verdachte], vanaf onze eigen rekening.
Op 12 maart 2008 is een bedrag van € 40.000,- overgemaakt op [bankrekeningnummer 7] t.n.v. [naam 3].
Op 28 april 2008 is een bedrag van € 24.621,08 overgemaakt op [bankrekeningnummer 7] t.n.v. [naam 3].
A: Dat hangt er natuurlijk sterk vanaf hoe groot die portefeuille is en er zijn nog wel een aantal bepalende factoren te nomen, maar het gaat dan meestal om een paar duizend euro. Een hele grote portefeuille zou theoretisch gezien een keer € 10.000,- kunnen kosten, maar dat zou dan een hele grote, goedlopende portefeuille moeten zijn. De waarde van het klantenbestand van de ex-werknemer van [bedrijf 15] schat ik op niet meer van € 2.000,-.
V: Zijn er [bedrijf 15] verzekeringsportefeuilles bekend die 40.000,- zouden moeten kosten?
A: Het zou kunnen, maar dat zijn echte uitzonderingen.
A: Ik kan mij niet voorstellen dat ik daar niet van geweten zou hebben.
heeft op mijn naam, zonder dat ik hiervan wist, een lening afgesloten. Ook heb ik mijn spaargeld overgemaakt naar [verdachte]. Dit was omdat hij een portefeuille kon kopen, maar geen geld had. Ook dit geld heb ik nooit weer gezien.
Bij de [bedrijf 17] is, zonder dat ik het wist, op mijn naam een lening afgesloten. Deze lening bedraagt 38.000 Euro. De lening is aangevraagd op donderdag 24 juni 2010. Op de aanvraag staat vermeld dat ik werkzaam ben bij twee bedrijven:
- [winkel]: Dit klopt, hier ben ik werkzaam. Ik sta hier voor 18 uur op papier.
- [bedrijf 5]: Dit klopt niet, ik ken het bedrijf niet en ben hier dus ook niet werkzaam.
De handtekening die onderaan het aanvraagformulier staat lijkt op mijn handtekening, maar het is niet mijn handtekening. Ik heb nooit op dit document getekend.
[verdachte] had vermoedelijk al de beschikking over mijn rijbewijs, hetgeen in kopie is bijgevoegd bij de aanvraag.
Kennelijk sta ik, zoals blijkt uit de kredietaanvraag, op de loonlijst van [bedrijf 12], gevestigd [plaats 1]. Op 28 juni 2010 werd het bedrag van 38.000 Euro overgeboekt op mijn rekeningnummer, zijnde [bankrekeningnummer 12]. Dit bedrag is diezelfde dag overgemaakt op [bankrekeningnummer 2] ten name van [naam 3]. Het verhaal bij de overboeking was dat er een foute boeking was gedaan. [verdachte] verzocht mij om het bedrag naar dat rekening te storten, het moest teruggestort worden. Van [bedrijf 17] heb ik nooit een bericht gehad dat de lening was uitbetaald, en heb ik een jaar lang geen enkel bankafschrift ontvangen. Pas toen [verdachte] failliet ging kreeg ik ineens bankafschriften. Toen zag ik pas het bedrag, en viel het op zijn plek.
• Een kopie van de kredietovereenkomst welke door de cliënt is ondertekend.
• Een door de cliënte ondertekende kopie van een betalingsopdracht. Met deze opdracht verzoekt de cliënte het complete kredietbedrag over te maken naar haar [bankrekeningnummer 12].
• Een kopie van door de cliënte ondertekende kredietaanvraagformulier. Op dit formulier staan alle inkomstengegevens en uitgave op genoemd.
• Een kopie van een legitimatiebewijs. Het betreft hier een rijbewijs welke is afgegeven op 1 juli 2008 onder [nummer]. Dit rijbewijs zou zijn afgegeven aan mevrouw [aangever 23] geboren op [geboortedatum 2].
• Een kopie salarisspecificatie over de maand April 2010 van [winkel]. Over de maand april 2010 zou zij een netto inkomen van € 694,09 hebben genoten. Uit de cumulatieve op deze strook konden wij opmaken dat mevrouw. [aangever 23] bij deze werkgever een gemiddeld maandelijks inkomen van € 700,00 zou genieten.
• Een kopie salarisspecificatie over periode 6. Deze periode zou gaan van 24-5-2010 tot 20-06-2010. Op deze specificatie staat aangegeven dat mevrouw [aangever 23] sedert 24 mei 2010 in dienst zou zijn van [bedrijf 5] gevestigd aan [plaats 1]. Mevrouw [aangever 23] over deze periode een netto inkomen van E 1.525,00 hebben genoten.
• Een kopie van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Deze overeenkomst zou zijn opgemaakt op 24 mei 2010 tussen [bedrijf 5] en mevrouw [aangever 23]. In deze overeenkomst staat dat mevrouw [aangever 23] een vast dienstverband krijgt aangebonden voor een netto salaris van € 1.525,00 per maand. Namens [bedrijf 5] zou deze arbeidsovereenkomst zijn opgemaakt en getekend door de heren [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2].
• Een kopie van een internetbankafschrift van de Rabobank. Het betreft hier een uitdraai van het [bankrekeningnummer 12] over de periode 28 mei 2010 t/m 22 juni 2010. Deze rekening zou toebehoren aan mevrouw [aangever 23]. Op deze uitdraai staat met rentedatum 21 juni 2010 een creditboeking van € 1.525,00. In de omschrijving staat salaris periode 6- 2010. Dit geld zou afkomstig zijn van tegen [bankrekeningnummer 13] t.n.v. [bureau]. Met rentedatum 22 juni 2010 een creditboeking van € 802,99. In de omschrijving staat salaris juni 2010. Dit geld zou afkomstig zijn van [bankrekeningnummer 14] t.n.v. [winkel] Nederland B.V. Met rentedatum 10 juni 2010 een debetboeking van € 411,73. Het betreft hier de betaling van de huur.
Op basis van deze gegevens is het krediet beschikbaar gesteld en is er op 25 juni 2010 een bedrag van € 38.000,00 overgemaakt naar de Raborekening van mevrouw [aangever 23].
Op 17 juni 2010 is naar [bankrekeningnummer 1] een bedrag van € 1.250,- overgemaakt onder vermelding van "DA reizen boeking vakantie".
- op 22 juni 2010 een bedrag van € 1.525,- overgemaakt naar [bankrekeningnummer 15] ten name van [aangever 3] onder vermelding van 'tuinartikelen kosten stenen bestrating en diversen';
- op 28 juni 2010 een bedrag van € 38.000,- bijgeschreven van [bedrijf 17];
- op 28 juni 2010 een bedrag van € 38.000,- overgemaakt naar [bankrekeningnummer 2] ten name van [naam 3].
V: Op naam van aangeefster [aangever 23] werd bij een bank een lening aangevraagd. Bij deze aanvraag is gebruik gemaakt van een salarisstrook van [bedrijf 5] te [plaats 1]. Uit deze salarisstrook zou moeten blijken dat aangeefster [aangever 23] in dienst van [bedrijf 5] zou zijn en dat zij daarom salaris zou krijgen. Ik toon u die salarisstrook. Wat is uw reactie hierop?
A: Dat is inderdaad een salarisstrook van ons bedrijf.
V: Heeft mevrouw [aangever 23] ook voor jullie gewerkt?
A: Zij heeft wel bij ons op de loonlijst gestaan, maar zij heeft niet voor ons gewerkt. [verdachte] heeft een bedrijf gehad in hetzelfde pand als waar ons bedrijf zat. Dat bedrijf hield zich bezig met het verstrekken van financieringen en dergelijke. Hij kwam op een gegeven moment naar ons toe. Hij legde uit dat hij klanten had die een nieuwe hypotheek wilden sluiten en daar om een aantal dingen bij in wilden hebben als persoonlijke leningen . Om op die manier een hogere hypotheek te kunnen afsluiten moesten die klanten een bepaald inkomen laten zien en dat konden die klanten niet. [verdachte] stelde toen voor dat wij die mensen op papier in dienst namen, salaris uitbetaalden en een salarisstrook toe zouden zenden. Op die manier konden die mensen dan aan de bank aantonen dat hun inkomen voldoende was. Dat zogenaamde dienstverband zou na een paar maanden weer opgeheven kunnen worden en daarna zouden wij het door betaalde salaris terugkrijgen met daarbij een soort provisie.
V: Heeft [verdachte] de door jullie betaalde salarissen en provisie ook terug betaald?
A: Wij hebben wel wat terugbetaald gekregen, maar niet alles en zeker de provisie niet. Ik zou dit ook nog wel na kunnen kijken.
V: Bij het proces-verbaal van aangifte was ook een “arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd” gevoegd. Hieruit zou moeten blijken dat er een arbeidsovereenkomst was tussen aangeefster en de [bedrijf 5]. Wat is uw reactie hierop?
V: Op 21 juni 2010 is vanaf [bankrekeningnummer 13] een bedrag van € 1.525,- overgemaakt op de rekening van aangeefster [aangever 23] als salaris van [bureau] van periode 6 van 2010. Wat is uw reactie hierop?