ECLI:NL:RBNNE:2015:2671
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van gewoontewitwassen ondanks verdachte geldstromen
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 4 juni 2015 verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde gewoontewitwassen. Verdachte werd ervan verdacht tussen maart en juni 2008 betrokken te zijn geweest bij het witwassen van circa 410.000 euro via diverse bankrekeningen, onder meer ten behoeve van de aankoop van een appartement in Brazilië.
Tijdens de terechtzittingen in april en mei 2015 werd vastgesteld dat verdachte, samen met medeverdachten, tegenstrijdige verklaringen had afgelegd over de herkomst van het geld en de transacties. Verdachte stelde dat hij het geld had geleend voor de aankoop van het appartement, terwijl anderen dit ontkenden of een andere rol toedichtten. Van een formele leningsovereenkomst was geen sprake.
De rechtbank vond het dossier onvoldoende om buiten redelijke twijfel vast te stellen welke verklaring juist was. Ook ontbrak het bewijs dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld uit een misdrijf afkomstig was. Het enkele feit dat geld via verdachte liep, was onvoldoende voor een veroordeling. Daarom werd verdachte vrijgesproken.
Een verzoek tot opheffing van conservatoir beslag op het appartement kon niet worden beoordeeld wegens ontbreken van stukken in het dossier. De officier van justitie kondigde een ontnemingsvordering aan, waardoor het beslag bleef rusten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij wist of moest vermoeden dat het geld afkomstig was uit misdrijf.