Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
vonnis van de kantonrechter d.d. 18 februari 2014
[A],
[B],
Procesverloop
Motivering
De feiten in conventie en in reconventie
€ 197,00
16 september 2013, tot aan de dag van algehele voldoening.
lid 3 BW de redelijkheid en billijkheid die de rechtsbetrekking tussen partijen beheerst tot maatstaf en betrekt zij alle omstandigheden van het geval bij haar beoordeling. Vanaf de dag van vertrek uit de woning heeft [B], anders dan [A], niet het gebruik en het genot van de woning gehad. Uit de stellingen van partijen blijkt (en uit de in conventie onder 2.6 genomen beslissing volgt) dat [B] in de onderhavige periode heeft bijgedragen in de kosten van de gezamenlijke woning. Alle omstandigheden van het geval in ogenschouw nemend, ziet de kantonrechter in deze zaak daarom aanleiding om [B] een gebruiksvergoeding toe te kennen. [A] heeft de berekening van [B] - waarin wordt uitgegaan van haar aandeel in de kosten van de woning - niet weersproken. De kantonrechter is daarom van oordeel dat de door [B] gevorderde gebruiksvergoeding over de periode van 22 januari tot 1 juli 2013 ad € 1.250,-- toegewezen kan worden.