Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De vordering en het verweer
4.De beoordeling
route [naam]’. Dit duidt op de voornaam van [gedaagde]. Beide partijen hebben verklaard dat zij dit niet op de lijst hebben geschreven. Dat is een aanwijzing dat de lijst inderdaad door [betrokkene 2] aan [gedaagde] is aangeleverd en dat het lijsten zijn van de routes die [gedaagde] heeft gereden. De enkele betwisting van [eiser] is hiertegenover onvoldoende en verklaart niet waarom haar naam handmatig op de lijsten is geschreven. Daar komt bij, dat naar de eigen verklaring van [betrokkene 1] ter zitting, de relatie tussen partijen al sinds oktober 2023 heel moeizaam was. Dat [gedaagde] desondanks in december 2023 nog is meegereden voor de gezelligheid en bij die gelegenheid de lijsten heeft meegenomen, acht de kantonrechter daarom niet geloofwaardig.
De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:
- salaris gemachtigde € 577,00 (1 punt × € 577,00)
€ 144,00