Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 6 januari 2026 in de zaak tussen
[verzoeker] , uit [plaats] , verzoeker
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Standpunt verzoeker
Oordeel voorzieningenrechter
Beslissing
Rechtbank Noord-Holland
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen zijn overplaatsing naar een nieuwe opvanglocatie per 7 januari 2026, omdat hij vreest voor zijn mentale en fysieke gezondheid door het samenleven met anderen in een gemeenschappelijke woonsituatie.
Het college van burgemeester en wethouders van Den Helder heeft gemotiveerd dat de overplaatsing noodzakelijk is voor een efficiënte verdeling van opvangplekken, waarbij alleenstaande mannen worden gescheiden van gezinnen vanwege eerdere ongeregeldheden. Verzoeker krijgt op de nieuwe locatie een zelfstandige kamer en hoeft minder voorzieningen te delen dan voorheen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het belang van het college om de opvang goed te organiseren zwaarder weegt dan het individuele belang van verzoeker. Er is geen spoedeisend belang aangetoond en de overplaatsing zal waarschijnlijk in bezwaar in stand blijven. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de overplaatsing naar een nieuwe opvanglocatie wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.