Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:6826

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
30 april 2026
Publicatiedatum
9 juni 2026
Zaaknummer
11872648 \ CV EXPL 25-2596
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 BWArt. 6:119a BWArt. 262 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betalingsvordering afgewezen wegens niet-nakoming levering website door Smart Marketing

Smart Marketing, een online marketingbedrijf, sloot in juni 2024 een overeenkomst met gedaagden voor het ontwikkelen van een basiswebsite en het verbeteren van de online vindbaarheid via SEO. Gedaagden betaalden een starttermijn en enkele maandelijkse termijnen, maar stelden dat Smart Marketing de overeengekomen werkzaamheden niet had uitgevoerd, omdat na zes maanden nog geen werkende website was geleverd.

Na ontvangst van een eerste versie van de website in augustus 2024 en het doorgeven van feedback, bleef een tweede versie uit. Gedaagden schortten daarom hun betalingen op vanaf oktober 2024. Smart Marketing vorderde betaling van openstaande facturen, wettelijke rente, incassokosten en ontbinding van de overeenkomst.

De kantonrechter oordeelde dat Smart Marketing tekort was geschoten in de nakoming van de overeenkomst, omdat de levering van een werkende website essentieel was en niet was gerealiseerd. Gedaagden mochten hun betalingsverplichtingen opschorten. Alleen de factuur van augustus 2024 was verschuldigd. De vordering tot ontbinding werd afgewezen. Smart Marketing werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.

De uitspraak bevestigt dat nakoming van essentiële prestaties vereist is voordat betaling kan worden geëist en dat opschorting van betaling gerechtvaardigd is bij tekortkoming van de wederpartij.

Uitkomst: Gedaagden hoeven slechts één factuur te betalen; overige vorderingen van Smart Marketing worden afgewezen wegens niet-nakoming.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zaanstad
Zaaknummer: 11872648 \ CV EXPL 25-2596 TB
Vonnis van 30 april 2026
in de zaak van
de besloten vennootschap
SMART MARKETING B.V.,
te Woerden,
eisende partij,
hierna te noemen: Smart Marketing,
gemachtigde: Credifixx Incassoservices B.V.,
tegen

1.[gedaagde 1],

te [plaats],
2.
[gedaagde 2],maat van gedaagde sub 1,
te [plaats],
3.
[gedaagde 3],maat van gedaagde sub 1,
te [plaats],
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: [gedaagden],
gemachtigde: mr. S.H.F. Kerckhoffs.
De zaak in het kort
Smart Marketing is een online marketingbedrijf, dat websites ontwikkelt en zegt online vindbaarheid te vergroten, zo ook voor [gedaagden]
Smart Marketing wil betaling van facturen. [gedaagden] zeggen dat Smart Marketing de overeengekomen werkzaamheden nog niet heeft uitgevoerd, zodat zij daarvoor ook nog niet hoeven te betalen. De kantonrechter is het daarmee eens. Smart Marketing had na zes maanden nog steeds geen werkende website geleverd, zodat [gedaagden] hun betalingen terecht opschorten. De vorderingen van Smart Marketing worden grotendeels afgewezen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 25 augustus 2025
- de conclusie van antwoord
- het tussenvonnis van 6 november 2025
- de akte pleitnota en extra productie van 24 februari 2026 van Smart Marketing
- de akte wijziging eis van 24 februari 2026 van Smart Marketing
- de mondelinge behandeling van 18 maart 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
In juni 2024 hebben [gedaagden] en Smart Marketing afgesproken dat Smart Marketing zorgt voor het verbeteren van de online vindbaarheid in de zoekmachine van Google (SEO (3 zoektermen)) en dat zij een basiswebsite ontwikkelt voor [gedaagden] betalen daarvoor per maand een bedrag van € 228,69 (inclusief btw), gedurende twee jaar. Op deze overeenkomst zijn de algemene voorwaarden van Smart Marketing van toepassing.
2.2.
Eind juli 2024 hebben [gedaagden] alle gegevens voor de website aangeleverd bij Smart Marketing.
2.3.
Op 12 augustus 2024 heeft Smart Marketing een eerste versie van de website geleverd aan [gedaagden] hebben in reactie daarop laten weten enkele aanpassingen te willen aan de eerste versie. Smart Marketing heeft dit bericht vervolgens op 13 augustus 2024 doorgestuurd naar hun webdesigner en schrijft met een update te komen als de webdesigner zover is.
2.4.
Op 23 september 2024 hebben [gedaagden] een e-mail aan Smart Marketing gestuurd waarin staat dat de afgesproken diensten niet zijn geleverd en vragen zij om uitleg.
2.5.
[gedaagden] hebben hun betalingen over augustus, oktober en november 2024 gestorneerd. Daarna hebben [gedaagden] niet meer betaald.
2.6.
Op 22 januari 2025 hebben [gedaagden] na aanmaning tot betaling aan Smart Marketing laten weten dat zij niet tevreden zijn over de door Smart Marketing geleverde diensten, dat er na zes maanden nog geen website is en dat zij een regeling wensen te treffen.
2.7.
Op 23 januari 2025 heeft Smart Marketing aan [gedaagden] een e-mail gestuurd waarin een toelichting is opgenomen over de geleverde werkzaamheden en het standpunt van Smart Marketing. Er is intensief achter de schermen gewerkt aan “linkbuilding, hosting en domeinbeheer, tekstontwikkeling en linkbuildingsartikelen”. Over de basiswebsite merkt Smart Marketing op dat deze nog enkele kleine aanpassingen behoeft qua design, maar dat “de achterkant” wel volledig is ontwikkeld.
2.8.
[gedaagden] zijn niet overgegaan tot betaling van de facturen.

3.Het geschil

3.1.
Smart Marketing vordert - samengevat en na vermeerdering van eis - veroordeling van [gedaagden] tot betaling van € 4.851,02, vermeerderd met rente en kosten. Daarnaast vordert Smart Marketing ontbinding van de overeenkomst, alsmede betaling van de toekomstige termijnen tot het tijdstip van ontbinding, met veroordeling van [gedaagden] in de kosten van deze procedure.
3.2.
Smart Marketing legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [gedaagden] zijn op grond van de overeenkomst verplicht om de afgesproken maandelijkse termijnen te betalen, maar dat hebben zij niet gedaan. De hoofdsom betreft een bedrag van € 4.132,44, dat bestaat uit achttien onbetaald gelaten maandfacturen. Verder vordert Smart Marketing nog wettelijke handelsrente van € 134,22 tot 21 augustus 2025, verdere rente en € 584,36 aan buitengerechtelijke incassokosten. Omdat de overeenkomst door [gedaagden] niet is opgezegd, verzoekt Smart Marketing conform artikel 7.4 van de overeenkomst en artikel 13 uit Pro de algemene voorwaarden om zowel de openstaande betalingsachterstand toe te wijzen als de overeenkomst te ontbinden.
3.3.
[gedaagden] stellen dat Smart Marketing tekort is geschoten. Smart Marketing heeft de beloofde werkzaamheden niet uitgevoerd. Het enige wat Smart Marketing heeft geleverd is een eerste opzet van een website. Een definitieve website is nooit geleverd, waardoor het niet mogelijk was om een marketingcampagne te lanceren. Om die reden mochten [gedaagden] hun verplichtingen opschorten. De vordering moet daarom worden afgewezen.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

4.1.
In deze zaak gaat het om de vraag of [gedaagden] gehouden zijn de openstaande facturen van Smart Marketing te betalen. De kantonrechter oordeelt dat dit niet zo is, op één factuur na. Hierna wordt toegelicht hoe de kantonrechter tot dit oordeel is gekomen.
4.2.
Tussen partijen staat vast dat zij een overeenkomst hebben gesloten tot het lanceren van een marketingcampagne voor het verbeteren van de online vindbaarheid in de zoekmachine van Google en om een website voor [gedaagden] te ontwikkelen.
4.3.
Niet in geschil is dat [gedaagden] op 12 augustus 2024 per e-mail een eerste versie van de website hebben ontvangen en dat zij daarop feedback hebben gegeven. Vervolgens is de feedback door Smart Marketing doorgestuurd naar hun webdesigner en Smart Marketing zou weer contact opnemen op het moment dat de feedback is verwerkt. Op 23 januari 2025 was er nog steeds geen tweede versie. Verder is niet in geschil dat [gedaagden] naast de starttermijn van € 319,44 die zij hebben betaald, op 23 september 2024 nog een termijn hebben voldaan van € 228,69. Gelet op het voorgaande is door Smart Marketing onvoldoende toegelicht waarom desondanks geen tweede versie van de website aan [gedaagden] is aangeboden. Omdat het bestaan van deze website ([gedaagden] beschikken nu nog steeds niet over een website) voor de kern van de prestatie van Smart Marketing (verbeterde
vindbaarheidvan de website) essentieel was, is Smart Marketing tekort geschoten in de nakoming van de overeenkomst. [gedaagden] hebben daarom hun betalingen zoals zij ter zitting hebben gesteld, naar het oordeel van de kantonrechter terecht per oktober 2024 opgeschort [1] .
4.4.
Bij deze stand van zaken schieten [gedaagden] niet tekort in de nakoming van de overeenkomst, zodat reeds daarom de gevorderde ontbinding niet kan worden toegewezen. Ook de vordering tot nakoming zal worden afgewezen voor zover dit ziet op de termijnen vanaf oktober 2024 omdat [gedaagden] hun contractuele verplichtingen terecht hebben opgeschort vanaf dat moment. Vast staat dat augustus 2024 niet is betaald door [gedaagden] Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen zijn [gedaagden] deze maand wel verschuldigd aan Smart Marketing. De conclusie is dat [gedaagden] aan Smart Marketing een bedrag van € 228,69 moeten betalen.
4.5.
Smart Marketing vordert betaling van de hoofdsom vermeerderd met wettelijke handelsrente. Omdat een deel van de hoofdsom is afgewezen, heeft Smart Marketing slechts recht op de wettelijke handelsrente over het toegewezen bedrag. [gedaagden] zullen de wettelijke handelsrente moeten betalen, vanaf vervaldatum van de factuur van 15 augustus 2025, een en ander zoals in de beslissing vermeld.
4.6.
Smart Marketing vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Aan de wettelijke eisen voor een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is voldaan. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen heeft Smart Marketing [gedaagden] terecht aangemaand voor een bedrag van € 228,69. Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen volgens het wettelijke tarief dat hoort bij de hoofdsom waartoe de gedaagde partij zal worden veroordeeld. Daarom zal een bedrag van € 40,00 worden toegewezen.
4.7.
Smart Marketing is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagden] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
506,00
(2 punten × € 253,00)
- nakosten
43,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
549,50

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
veroordeelt [gedaagden] om aan Smart Marketing te betalen een bedrag van € 228,69, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 23 augustus 2024, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagden] om aan Smart Marketing te betalen een bedrag van € 40,00 aan buitengerechtelijke kosten,
5.3.
veroordeelt Smart Marketing in de proceskosten van € 549,50, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Smart Marketing niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.S. Reid en in het openbaar uitgesproken op 30 april 2026.

Voetnoten

1.Artikel 262 van Pro boek 6 van het Burgerlijk Wetboek