ECLI:NL:RBNHO:2026:6825
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding operational leaseovereenkomst wegens niet-betaling en toewijzing vorderingen
De zaak betreft een geschil over een operational leaseovereenkomst tussen een leasebedrijf en een vennootschap onder firma die keukeninventaris heeft geleased. De leaseovereenkomst is gesloten op 21 augustus 2024, waarbij de gedaagden de keukeninventaris in gebruik kregen tegen maandelijkse leasetermijnen.
De gedaagden zijn in gebreke gebleven met betalingen, waarop de eiser de overeenkomst op 16 december 2024 heeft ontbonden en betaling van achterstallige en toekomstige leasetermijnen heeft gevorderd. De gedaagden betwisten het bestaan van de overeenkomst en voeren tekortkomingen in de levering aan, maar deze stellingen zijn onvoldoende onderbouwd en worden verworpen.
De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen en dat de gedaagden tekort zijn geschoten in hun betalingsverplichtingen, waardoor de ontbinding door de eiser gerechtvaardigd is. De vorderingen tot betaling van €30.976,71 aan leasetermijnen, €2.683,80 aan contractuele boete, €1.101,00 aan incassokosten en €2.881,35 aan proceskosten worden toegewezen. De vordering tot afgifte van het leaseobject is komen te vervallen omdat dit reeds is geretourneerd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de leaseovereenkomst ontbonden en veroordeelt de gedaagden tot betaling van achterstallige en toekomstige leasetermijnen, contractuele boete, incassokosten en proceskosten.