ECLI:NL:RBNHO:2026:6581

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
20 mei 2026
Publicatiedatum
4 juni 2026
Zaaknummer
C/15/365444 / HA ZA 25-300
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Bodemzaak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119a BWArt. 6:162 BWArt. 3:44 BWArt. 6:96 BWArt. 706 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling depositbedrag en afwijzing schadevergoeding wegens niet-nakoming en misbruik van omstandigheden

Artilux vordert betaling van een depositbedrag van €219.721,38, terwijl Nomenta de opeisbaarheid en hoogte betwist en een bedrag van €165.829,63 erkent. Nomenta vordert in reconventie schadevergoeding wegens vermeende niet-nakoming, onrechtmatig handelen en misbruik van omstandigheden door Artilux.

De rechtbank oordeelt dat de deposit inmiddels opeisbaar is omdat verdere verrekening met leveringen niet mogelijk is. Gezien de betwisting van Nomenta over de hoogte van het bedrag, wijst de rechtbank de vordering toe tot €165.829,63. Daarnaast worden wettelijke handelsrente, buitengerechtelijke kosten en beslagkosten toegewezen.

De vordering van Nomenta tot schadevergoeding wordt afgewezen omdat zij onvoldoende heeft onderbouwd dat Artilux tekort is geschoten of onrechtmatig heeft gehandeld. De rechtbank benadrukt dat het hier gaat om een handelsrelatie tussen professionele partijen en dat commerciële keuzes voor rekening van Nomenta blijven.

Nomenta wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten in conventie en reconventie. Artilux krijgt een certificaat conform EU-verordening voor de beslissing in burgerlijke en handelszaken.

Uitkomst: Nomenta wordt veroordeeld tot betaling van €165.829,63 deposit met rente en kosten, terwijl de schadevergoeding wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK Noord-Holland

Civiel recht
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: C/15/365444 / HA ZA 25-300
Vonnis van 20 mei 2026
in de zaak van
ARTILUX NMF UAB,
te Siauliai (Litouwen),
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: Artilux,
advocaat: mr. L.M. Ravestijn,
tegen
NOMENTA INDUSTRIES INTERNATIONAL B.V.,
te Haarlem,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: Nomenta,
advocaten: mr. J.G. Crozier en mr. R. Duvalois.
De zaak in het kort
Tussen partijen bestond een handelsrelatie. Artilux vordert in conventie betaling van een depositbedrag van € 219.721,38. Nomenta betwist de opeisbaarheid van de deposit en stelt dat het resterende depositbedrag € 165.829,63 bedraagt. Nomenta heeft in reconventie een vordering ingesteld tot betaling van schadevergoeding, omdat zij meent dat Artilux de tussen partijen gesloten overeenkomsten niet is nagekomen, onrechtmatig heeft gehandeld dan wel misbruik van omstandigheden heeft gemaakt door misbruik te maken van de afhankelijke positie van Nomenta.
De rechtbank oordeelt in conventie dat het depositbedrag opeisbaar is en wijst de vordering tot betaling toe tot een bedrag van € 165.829,63. Ook de vorderingen tot betaling van wettelijke handelsrente, buitengerechtelijke kosten, beslagkosten en proceskosten worden (deels) toegewezen. De rechtbank honoreert het verzoek om afgifte van een certificaat betreffende een beslissing in burgerlijke en handelszaken en voegt het formulier als bijlage aan dit vonnis. Nomenta heeft in reconventie onvoldoende onderbouwd gesteld dat sprake is van onrechtmatig handelen dan wel misbruik van omstandigheden door Artilux, zodat de vordering tot betaling van schadevergoeding wordt afgewezen. Nomenta moet daarom ook de proceskosten in reconventie betalen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 24 december 2025
- de akte overleggen producties met producties 21 t/m 38 van Nomenta
- de akte ter comparitie met producties 13 en 14 van Artilux
- de mondelinge behandeling van 13 april 2026, waarvan de griffier aantekeningen heeft bijgehouden
- de notities tbv de comparitie van partijen van mr. Ravestijn
- de spreekaantekeningen van mr. Duvalois.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Feiten

2.1.
Artilux is een Europese fabrikant van onder meer elektronica. Nomenta houdt zich, als onderdeel van de KOODU-groep, bezig met de productie van en groothandel in design wooninrichting.
2.2.
Begin 2020 zijn partijen met elkaar in contact gekomen. Vanwege herstructurering zocht Nomenta binnen Europa een assemblagepartner voor de assemblage van haar producten, die kon werken met onderdelen uit zowel China als de EU.
2.3.
Na onderhandelingen hebben partijen op 7 februari 2022 een
supply agreementgesloten waarin zij een samenwerking zijn aangegaan gericht op het ontwikkelen en produceren van elektronische consumenten- en huishoudelijke producten (hierna: overeenkomst I). De samenwerking hield in dat Artilux verplicht was om
purchase ordersvan Nomenta te accepteren, waarbij de benodigde
toolingvoor de assemblage in de faciliteiten van Artilux door Nomenta werd gefinancierd. De vergoeding voor de voorfinancieringsdiensten van Artilux bedroeg 5% van de relevante
purchase order.
2.4.
In een bericht van 14 februari 2023 heeft Artilux aan Nomenta laten weten dat de geboden zekerheid onder overeenkomst I onvoldoende was om haar investeringen te beschermen. Nadat een voorstel van Nomenta door Artilux was afgewezen, heeft Artilux op 4 mei 2023 aan Nomenta een aangepaste
supply agreementvoorgelegd (hierna: overeenkomst II). Hoewel Nomenta in een e-mail van 26 juli 2023 bezwaar heeft gemaakt tegen de eenzijdige wijzigingsvoorstellen van Artilux, is zij – nadat Artilux weigerde nog langer
purchase orderste accepteren – op 30 juli 2023 toch overgegaan tot ondertekening van overeenkomst II.
2.5.
In juni 2024 dreigde Artilux opnieuw de leveringen stil te leggen, tenzij Nomenta akkoord zou gaan met een
settlement agreement, zie zag op de
purchase ordersPO 178158, PO 177871 en PO 170970 (hierna: de
settlement agreement). De
purchase orderszouden hiermee volledig voor risico van Nomenta komen. Het bedrag van de voorfinanciering van Artilux werd bepaald op € 292.284,03 (hierna: de deposit).
In de
settlement agreementstaat over de deposit:
The amount of the Deposit is not immediately due and payable. The parties agree that payment of the Deposit to Artilux will be settled exclusively by means of compensation, via components delivered to Artilux, thereby setting off the claims against the remaining deposits. After the Supplier agreement between parties has ended, the parties will prepare a final overview of alle claims on both sides, including any remaining amount of the deposit. Parties will then agree on terms of payment.
2.6.
In een e-mail van 26 juni 2024 heeft Artilux Nomenta onder meer het volgende bericht, waarbij met
agreementde
settlement agreementis bedoeld:
This is an intermediate document; it will be possible tot do a balance sheet after the signing of this agreement.
2.7.
Nomenta heeft vervolgens de
settlement agreementvoor akkoord ondertekend.
2.8.
In februari 2025 heeft Artilux een vaststellingsovereenkomst opgesteld met de bedoeling om alle eerdere afspraken, waaronder de
settlement agreement, te vervangen. In deze vaststellingsovereenkomst is de deposit begroot op € 219.721,38. In reactie hierop heeft Nomenta een aangepaste versie aan Artilux teruggestuurd met daarin onder meer een depositbedrag van € 149.863,28. Artilux is niet akkoord gegaan met deze aanpassingen.
2.9.
In een e-mail van 24 maart 2025 heeft Nomenta aan Artilux een overzicht gestuurd waarin staat dat de openstaande deposit € 165.594,92 bedraagt.
2.10.
Op 25 maart 2025 heeft Artilux conservatoir beslag laten leggen onder de bankrekeningen van Nomenta bij Rabobank en ABN Amro. Het beslag heeft doel getroffen onder ABN Amro voor € 70.000,- en onder Rabobank voor € 255.686,18.
2.11.
Op 4 april 2025 heeft Nomenta Artilux een voorstel gedaan, welk voorstel door Artilux is afgewezen. Partijen hebben daarna nog onderhandelingen gevoerd, maar geen akkoord kunnen bereiken.

3.Het geschil

in conventie
3.1.
Artilux vordert – na precisering van de vordering – uitvoerbaar bij voorraad:
I. Nomenta te veroordelen om aan Artilux te betalen het bedrag voortvloeiende uit een door Artilux aan en/of ten gunste van de Chinese fabrikant verrichte aanbetaling(en)/borgsom(men) (deposit) van een bedrag van € 219.721,38 te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata van de respectievelijke betalingsverplichtingen tot aan de dag van volledige betaling;
II. Nomenta te veroordelen tot betaling aan Artilux van de buitengerechtelijke incassokosten van een bedrag van € 2.972,21;
III. met veroordeling van Nomenta in de kosten van deze procedure, kosten in het kader van de conservatoire beslagleggingen daaronder uitdrukkelijk begrepen.
met het verzoek een certificaat af te geven conform artikel 53 van Pro de Verordening EU nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012.
3.2.
Artilux legt aan de vordering ten grondslag dat sprake is van een betalingsachterstand. Het openstaand saldo is als deposit opgenomen in de concept
settlement agreement. Tussen partijen bestaat discussie over de hoogte van de deposit en Nomenta is niet bereid al enige deelbetaling te voldoen. Uit de e-mailcorrespondentie volgt dat Nomenta een bedrag van € 165.594,92 erkent. Door de weigerachtige houding schiet Nomenta tekort in de nakoming van haar verplichtingen tegenover Artilux.
3.3.
Nomenta voert verweer. Nomenta concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Artilux, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Artilux, met veroordeling van Artilux in de kosten van deze procedure.
3.4.
Nomenta voert aan dat juist Artilux weigerde contractuele afspraken met Nomenta na te komen en keer op keer eenzijdig de afspraken – in haar voordeel – wenste aan te passen. Onder financiële en operationele druk is Nomenta meermaals akkoord gegaan met gewijzigde overeenkomsten, omdat zij zich vanwege haar afhankelijkheid geen verdere vertraging kon permitteren zonder faillissementsrisico. Aan de hand van uitgebreide overzichten heeft Nomenta laten zien dat het resterende bedrag van de deposit op 24 maart 2025 € 165.594,92 bedraagt. Op deze overzichten is door Artilux niet inhoudelijk gereageerd terwijl zij hiertoe op grond van de
settlement agreementwel verplicht is. Volgens Nomenta is het openstaande bedrag van de deposit – dat zij inmiddels berekent op
€ 165.829,63 – niet opeisbaar.
3.5.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
in reconventie
3.6.
Nomenta vordert:
I. te verklaren voor recht dat Artilux toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst, althans overeenkomst II, althans de
settlement agreement;
II. te verklaren voor recht dat Artilux onrechtmatig heeft gehandeld jegens Nomenta, onder meer door het misbruik van haar machtspositie en afhankelijkheidsrelatie, en daardoor schadeplichtig is jegens Nomenta ex artikel 6:162 BW Pro;
III. te verklaren voor recht dat Artilux misbruik heeft gemaakt van de bijzondere omstandigheden waarin Nomenta verkeerde, als bedoeld in artikel 3:44 BW Pro, en dat Artilux om die reden schadeplichtig is jegens Nomenta;
IV. te verklaren voor recht dat het door Artilux ten laste van Nomenta gelegde beslag onrechtmatig dan wel vexatoir is en dat Artilux dientengevolge aansprakelijk is voor alle door Nomenta in dit verband geleden schade;
V. indien en voor zover de rechtbank Artilux ontvankelijk acht in haar vorderingen en deze (geheel of gedeeltelijk) toewijst, te verklaren voor recht dat Nomenta de door haar geleden schade (nader op te maken bij staat) mag verrekenen met het resterend bedrag van de deposit;
VI. Artilux te veroordelen tot vergoeding van de door Nomenta geleden en nog te lijden schade als gevolg van de onder I tot en met IV bedoelde gedragingen, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;
VII. Artilux te veroordelen in de kosten van de procedure, te vermeerderen met de wettelijke rente, te rekenen vanaf datum vonnis, althans zeven dagen na betekening van het vonnis in deze zaak.
3.7.
Nomenta legt aan de vordering – kort gezegd – ten grondslag dat Artilux herhaaldelijk
purchase ordersheeft geannuleerd, inkoopverplichtingen uit China heeft teruggetrokken en eenzijdig leveringsvertragingen heeft opgelegd. Dit heeft aanzienlijke vertraging in de levering aan klanten van Nomenta veroorzaakt, wat leidde tot het verlies van klanten. Nomenta moest haar verkoopactiviteiten inkrimpen en terugkerende inkomstenstromen liepen blijvende schade op. Artilux heeft misbruik gemaakt van de afhankelijke positie waarin Nomenta zich bevond en onder druk is Nomenta akkoord gegaan met gewijzigde overeenkomsten met voor haar nadelige voorwaarden. Artilux heeft daarmee onrechtmatig gehandeld en is om die reden schadeplichtig. De omvang van de geleden schade moet nader worden opgemaakt bij staat.
3.8.
Artilux voert verweer. Artilux concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Nomenta, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Nomenta, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Nomenta in de kosten van deze procedure.
3.9.
Artilux betwist dat zij oneigenlijke druk of dreiging op Nomenta heeft uitgeoefend. Dat zij vanwege betalingsachterstanden af en toe op haar strepen heeft moeten staan maakt niet dat sprake is van onrechtmatig handelen. De overgelegde correspondentie toont aan dat juist Nomenta tekort is geschoten in de nakoming, wat heeft geleid tot structurele problemen tussen partijen die ook van invloed waren op de vertragingen van die leveringen. Artilux voert aan dat zij niet aansprakelijk is voor enige gevolgschade. Er is geen begin van bewijs geleverd dat Nomenta schade heeft geleden en niet is gesteld of gebleken van een causaal verband tussen het handelen van Artilux en de gestelde schadeposten.
3.10.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
4.1.
Artilux is gevestigd in Litouwen. Daarmee draagt de zaak een internationaal karakter en moeten eerst de vragen over de bevoegdheid van de rechtbank en het toepasselijke recht beantwoord worden.
4.2.
De Nederlandse rechter is op grond van artikel 25 van Pro de in deze zaak toepasselijke Verordening (EU) nr. 1215/2012 (Brussel I bis) bevoegd om van het geschil kennis te nemen. In artikel 18 van Pro overeenkomst II zijn partijen een forumkeuze voor de Nederlandse rechter overeengekomen en hebben partijen tevens een expliciete keuze gedaan voor de toepasselijkheid van het Nederlands recht. Op de vorderingen is daarom Nederlands recht van toepassing. Tevens vloeit de rechtsmacht van de Nederlandse rechter voort uit artikel 4 lid 1 van Pro Brussel I bis, omdat Nomenta gevestigd is in Nederland.
in conventie
Verschuldigdheid depositbedrag
4.3.
Uitgangspunt bij de beoordeling zijn de recentste afspraken die door partijen zijn overeengekomen. Deze afspraken zijn vastgelegd in de
settlement agreement. Naderhand hebben partijen weliswaar over en weer nog concepten van vaststellingsovereenkomsten verstuurd, maar over de inhoud van nieuwe afspraken hebben zij geen overeenstemming kunnen bereiken. De
settlement agreementhad onder meer tot doel om het bedrag vast te stellen dat Artilux heeft voorgefinancierd. In de
settlement agreementis een depositbedrag van € 292.284,03 vermeld. Uit de e-mail van 26 juni 2024 volgt dat partijen de hoogte van de deposit nog definitief zouden vaststellen. Daarnaast zijn partijen overeengekomen dat de deposit niet direct opeisbaar is, maar betaling uitsluitend zou plaatsvinden via verrekening met onderdelen geleverd aan Artilux. Bij beëindiging van overeenkomst II zouden partijen gezamenlijk de resterende stand van de deposit vaststellen en nadere betalingsafspraken maken.
4.4.
Ter zitting heeft Nomenta verklaard dat na de beslaglegging de samenwerking tussen partijen feitelijk is geëindigd. Overeenkomst II is niet opgezegd of ontbonden, waardoor partijen in een impasse zijn geraakt. Vast staat dat geen nadere leveringen meer hebben plaatsgevonden of zullen plaatsvinden. Verrekening van het depositbedrag met toekomstige leveringen van onderdelen is daarom niet meer mogelijk. Tussen partijen is niet in geschil dat Nomenta Artilux nog een bedrag verschuldigd is, maar zij kunnen het niet eens worden over de hoogte van het depositbedrag. Overleg tussen partijen heeft niet tot een vergelijk geleid. Daarop heeft Artilux Nomenta gesommeerd tot betaling van de deposit. Door het gerezen geschil is het partijen niet mogelijk gebleken in onderling overleg tot afspraken over de betaling van de deposit te komen. In het licht van de hiervoor geschetste omstandigheden is de deposit inmiddels opeisbaar.
4.5.
Nomenta moet de deposit dan ook terugbetalen. Nomenta heeft het gevorderde depositbedrag betwist en onderbouwd gesteld dat het resterende depositbedrag na verrekening met een aantal concrete posten € 165.829,63 bedraagt. Gelet op die betwisting had het op de weg van Artilux gelegen om nader te onderbouwen dat Nomenta nog een depositbedrag van € 219.721,38 verschuldigd is en daarbij in te gaan op de gestelde verrekenposten. Dit heeft zij nagelaten. De rechtbank zal de vordering daarom toewijzen tot een bedrag van € 165.829,63.
Wettelijke handelsrente
4.6.
Artilux vordert in de dagvaarding wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata van facturen. Vervolgens heeft Artilux haar vordering gepreciseerd in die zin dat zij wettelijke handelsrente vordert vanaf de vervaldata van respectievelijke betalingsverplichtingen. Die betalingsverplichting vloeit voort uit de afspraken die zijn vastgelegd in de
settlement agreement,en dus niet uit facturen. Op welke concrete datum de betalingsverplichting voor Nomenta is ontstaan, is door Artilux niet toegelicht. De wettelijke handelsrente zal daarom worden toegewezen vanaf de datum van de dagvaarding.
Buitengerechtelijke kosten
4.7.
Artilux vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Artilux heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Artilux heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. Een bedrag van € 2.433,30 zal worden toegewezen.
Beslagkosten
4.8.
Artilux vordert Nomenta te veroordelen tot betaling van de beslagkosten. Het beslag is rechtmatig gelegd. De vordering is gelet op het bepaalde in artikel 706 Rv Pro toewijsbaar. De beslagkosten worden vastgesteld op € 921,58 voor kosten deurwaardersexploten, € 714,00 voor griffierecht en € 2.051,00 voor salaris advocaat (1,0 punt(en) × € 2.051,00), totaal € 3.686,58.
Proceskosten
4.9.
Nomenta is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Artilux worden begroot op:
- griffierecht
6.147,00
- salaris advocaat
4.102,00
(2 punten × € 2.051,00)
- nakosten
148,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
10.397,00
Afgifte certificaat
4.10.
Artilux heeft verzocht om afgifte van een certificaat betreffende een beslissing in burgerlijke en handelszaken. Dit verzoek is toewijsbaar. De rechtbank zal dan ook het door artikel 53 van Pro Verordening (EU) nr. 1215/2012 voorgeschreven formulier afgeven.
in reconventie
4.11.
Nomenta heeft een vordering tot betaling van schadevergoeding ingesteld. Deze vordering zal worden afgewezen. De rechtbank licht haar oordeel toe als volgt.
4.12.
Nomenta stelt dat de wanprestaties van Artilux bestaan uit het herhaaldelijk annuleren van
purchase orders, het terugtrekken uit inkoopverplichtingen in China en het eenzijdig opleggen van leveringsvertragingen. De wanprestaties hebben volgens Nomenta geleid tot het inkrimpen van verkoopactiviteiten en verlies van klanten, waardoor blijvende schade is opgelopen. Artilux betwist dat op enige wijze oneigenlijk druk of dreiging op Nomenta is uitgeoefend en betoogt dat zij altijd overeenkomstig overeenkomst(en) heeft gehandeld. In dat licht heeft Nomenta onvoldoende onderbouwd dat sprake is van een tekortkoming in de verplichtingen die voortvloeien uit overeenkomst I, overeenkomst II en/of de
settlement agreement. Nomenta heeft niet voldoende concreet gemaakt waaruit de toerekenbare tekortkomingen hebben bestaan en ook uit de overgelegde stukken blijkt onvoldoende concreet dat en waarom sprake zou zijn van een toerekenbare tekortkoming door Artilux.
4.13.
Verder stelt Nomenta dat Artilux onrechtmatig heeft gehandeld, dan wel misbruik heeft gemaakt van de afhankelijke positie waarin Nomenta zich bevond. Dit handelen zou ertoe hebben geleid dat Nomenta onder druk van Artilux akkoord is gegaan met gewijzigde overeenkomsten met voor haar nadelige voorwaarden. Nomenta stelt dat Artilux door de uitvoering van overeenkomsten te frustreren heeft gehandeld in strijd met hetgeen in het maatschappelijk verkeer betaamt en dat zij om die reden schadeplichtig is.
4.14.
Voor een geslaagd beroep op misbruik van omstandigheden is onder meer vereist dat sprake is van bijzondere omstandigheden. Het gaat dan om omstandigheden die maken dat degene die daarin verkeert, als gevolg daarvan onvrij is en daardoor in een zwakke positie verkeert waarvan een ander misbruik kan maken. De lat voor een geslaagd beroep op misbruik van omstandigheden ligt dus hoog. Nomenta heeft onvoldoende onderbouwd gesteld dat van zulke bijzondere omstandigheden sprake is geweest.
Wat betreft het gestelde onrechtmatig handelen geldt dat in de onderhavige situatie sprake is van een handelsrelatie tussen twee professionele commerciële partijen. Ter zitting heeft Nomenta verklaard dat zij steeds met nieuwe afspraken als door Artilux geïnitieerd akkoord is gegaan vanuit commercieel belang. Dit is een bedrijfsmatige keuze die voor rekening en risico van Nomenta moet blijven. Als Nomenta van mening was dat dat Artilux tekortschoot of tekort zou schieten in de nakoming van een overeenkomst, dan had zij ook een procedure tot nakoming kunnen instellen. Bovendien is onduidelijk hoe haar stelling zich verhoudt tot de afspraak tussen partijen uit de
settlement agreementdat Nomenta de positie van Artilux zou overnemen. De stelling dat Nomenta wel akkoord moest gaan met de voorwaarden van Artilux omdat haar weigering had kunnen leiden tot haar faillissement is onvoldoende om onrechtmatig handelen van Artilux aan te nemen.
Proceskosten
4.15.
Nomenta is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Artilux worden begroot op:
- salaris advocaat
1.306,00
(2 punten × € 653,00)
- nakosten
148,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.454,00

5.De beslissing

De rechtbank
in conventie
5.1.
veroordeelt Nomenta om aan Artilux te betalen een bedrag van € 165.829,63, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 7 april 2025, tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt Nomenta om aan Artilux te betalen een bedrag van € 2.433,30 aan buitengerechtelijke kosten,
5.3.
veroordeelt Nomenta in de beslagkosten, tot op heden vastgesteld op € 3.686,58,
5.4.
veroordeelt Artilux in de proceskosten van € 10.397,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
5.5.
wijst het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
5.6.
wijst de vorderingen van Nomenta af,
5.7.
veroordeelt Nomenta in de proceskosten van € 1.454,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe.
in conventie en in reconventie
5.8.
veroordeelt Nomenta tot betaling van € 98,00 plus de kosten van betekening als Nomenta niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.9.
verklaart dit vonnis wat betreft de onder 5.1, 5.2, 5.3, 5.4 en 5.7 genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.A.J. Berkers en in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2026.
1589