Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:6393

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
4 juni 2026
Publicatiedatum
2 juni 2026
Zaaknummer
C/15/373553
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:119a BWArt. 1019h RvArt. 6:119 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verbod op merkinbreuk en aanpassing website wegens onrechtmatig vullen statiegeld gasflessen

Benegas B.V. vordert in kort geding dat [gedaagde] B.V. wordt verboden om inbreuk te maken op haar Beneluxmerken door het vullen van statiegeld gasflessen die eigendom zijn van Benegas. Tevens vordert Benegas aanpassing van de website van [gedaagde] om misleidende uitingen te verwijderen die suggereren dat [gedaagde] gerechtigd is om deze flessen te vullen.

De rechtbank constateert dat er slechts één overtreding is vastgesteld door een steekproef, waarbij een gasfles van Benegas zonder toestemming werd gevuld. Hoewel Benegas stelt dat er sprake is van een structureel patroon, is dit onvoldoende onderbouwd. De enkele overtreding leidt wel tot een verbod op verdere inbreuk.

Daarnaast wordt geoordeeld dat de tekst en afbeelding op de website van [gedaagde] misleidend kunnen zijn. Gezien de langdurige samenwerking tussen partijen wordt een informele aanpassing van de website geëist, zonder een volledige rectificatie. De gevorderde opgave van correspondentie en omzetgegevens wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van meerdere overtredingen.

De boete wordt toegewezen maar gematigd, en de buitengerechtelijke kosten worden afgewezen omdat Benegas onvoldoende noodzaak heeft aangetoond. [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten tot een gematigd bedrag passend bij een eenvoudig kort geding in IE-zaken.

Uitkomst: Verbod op het onrechtmatig vullen van Benegas gasflessen en aanpassing van de website met een gematigde boete en proceskostenveroordeling.

Uitspraak

RECHTBANK Noord-Holland

Civiel recht
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: C/15/373553 / KG ZA 26-12
Vonnis in kort geding van 4 juni 2026
in de zaak van
BENEGAS B.V.,
te Amsterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: Benegas,
advocaat: mr. L. Keukens,
tegen
[gedaagde] B.V.,
te [plaats 1] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
in persoon verschenen bij monde van de heer [betrokkene 1] .

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 14
- de akte vermeerdering eis
- de akte overlegging aanvullende producties 15 tot en met 21
- de mondelinge behandeling van 21 mei 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitnota van Benegas
- de pleitnota van Winder.
1.2.
Voor de zitting op 21 mei 2026 zijn verschenen namens Benegas de heer [betrokkene 2] (operationeel directeur) gevolmachtigd om te handelen namens Benegas, bijgestaan door mrs. Keukens en Tol voornoemd en namens [gedaagde] de heer [betrokkene 1] .
1.3.
Tenslotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
Benegas is actief als propaangasleverancier in Nederland en België. Haar bestuurder is DCC Energy. Benegas heeft in 2021 de activiteiten overgenomen van Primagaz. Benegas is al lange tijd actief als propaangasleverancier in Nederland en België.
2.2.
[gedaagde] is opgericht in 1984 en voornamelijk actief in Noord-Holland met locaties in [plaats 1] , [plaats 2] en [plaats 3] .
2.3.
Benegas levert onder meer CO2-gecompenseerd propaangas in bulk (vanaf 500 liter), gastanks, gasflessen, drijfgassen voor de aerosolindustrie, autogas en koudemiddelen.
2.4.
Benegas levert in Nederland het gas door middel van gasflessen via geselecteerde distributeurs ( ‘Benegas Premium Partners’). De gasflessen blijven te allen tijde eigendom van Benegas en worden in bruikleen uitgegeven. De wederverkoper betaalt per gasfles statiegeld. Bij inlevering van de gasfles bij een van de Benegas Premium Partners krijgt de wederverkoper het statiegeld terug of wordt de gasfles omgeruild.
Benegas laat haar flessen alleen hervullen door het Benegas vulcentrum in België.
2.5.
In 2020 is een samenwerkingsovereenkomst Tankverhuur en Gasverkoop gesloten tussen de rechtsvoorganger van Benegas, Primagaz, en [gedaagde] . Op basis van deze overeenkomst huurt [gedaagde] van Benegas een gastank en levert Benegas gas aan [gedaagde] .
2.6.
Op haar website vermeldt [gedaagde] het volgende:

{afbeelding 1}

2.7.
In augustus 2023 is [gedaagde] aangeschreven omdat zij inbreuk maakte op de Beneluxmerken van Benegas. Daarbij werd [gedaagde] aansprakelijk gesteld voor de door Benegas geleden en nog te lijden schade.
Partijen hebben een regeling getroffen doordat [gedaagde] een onthoudingsverklaring heeft getekend.
2.8.
Bij een steekproef in opdracht van Benegas door Interro Recherchediensten is op 9 september 2025 bij de locatie van [gedaagde] te [plaats 2] door een medewerker van [gedaagde] een gasfles van Benegas tegen betaling met gas gevuld en afgegeven aan de onderzoeker.
2.9.
Bij brief van 14 oktober 2025 is [gedaagde] aansprakelijk gesteld voor inbreukmakend en onrechtmatig handelen en is haar verzocht om de onthoudingsverklaring te ondertekenen. Op deze sommatiebrief heeft [gedaagde] niet gereageerd.
2.10.
Bij brief van 5 november 2025 heeft Benegas [gedaagde] nogmaals een sommatiebrief gestuurd en haar verzocht de onthoudingsverklaring te tekenen.
2.11.
[gedaagde] heeft bij brief van 7 november 2025 de volgende reactie gegeven:
Tekst

2.Bestaande handelsrelatie

Zoals eerder aangegeven, bestaat er al geruime tijd een lopende handelsrelatie tussen [gedaagde] B.V. en Benegas B.V. Wij nemen regelmatig bulkpropaan af dat rechtstreeks door Benegas wordt geleverd via tankwagens op onze locatie. Wij beschouwen Benegas dan ook niet als een concurrent, maar als leverancier en partner binnen onze bedrijfsvoering. Alle propaangasproducten die bij ons aanwezig zijn, zijn van Benegas afkomstig. Tot 2021 werd [gedaagde] tientallen jaren bevoorraad door Primagaz Nederland B.V., waarvan Benegas in dat jaar de activiteiten en leveringsrelaties heeft overgenomen. Sindsdien is de samenwerking onder de naam Benegas voortgezet, met behoud van de leveringswijze en dezelfde operationele processen. Dat verklaart mede waarom bepaalde interne werkwijzen en flessenstromen in de praktijk overeenkomen met de vroegere Primagaz-leveringen. Tegen die achtergrond is het vermeende voorval van september 2025 geen bewuste of structurele merkinbreuk, maar hoogstens een incidentele miscommunicatie binnen een bestaande leveringsrelatie. Wij hebben intern maatregelen genomen om eventuele onduidelijkheden te voorkomen en medewerkers hierover opnieuw geïnstrueerd.

3.Onthoudingsverklaring en overleg

Wij zijn bereid om constructief in overleg te treden over duidelijke afspraken, maar kunnen de huidige Onthoudingsverklaring niet ondertekenen vanwege de daarin opgenomen erkenning van aansprakelijkheid en boetebepalingen, die niet passen bij de feitelijke situatie.
(…)
4. Voorbehoud
Deze brief strekt er niet toe enige aansprakelijkheid te erkennen, noch vormt zij een erkenning van enige inbreuk.
2.12.
Partijen hebben nog nader overleg gevoerd, maar dit heeft niet geleid tot overeenstemming.

3.Het geschil

3.1.
Benegas vordert na eisvermeerdering - verkort weergegeven – dat de voorzieningenrechter:
Primair:
I. [gedaagde] verbiedt om inbreuk te maken op de Beneluxmerken van Benegas door de gasflessen van Benegas na te vullen,
II. [gedaagde] verbiedt om op haar website op onrechtmatige wijze te verklaren dat zij als depothouder namens Benegas gerechtigd is om gasflessen na te vullen,
Subsidiair:
III. [gedaagde] veroordeelt om de Minnelijke Regeling jegens Benegas na te komen,
IV. bepaalt dat de reclame-uiting op de website van [gedaagde] waarin wordt verklaard dat [gedaagde] als depothouder namens Benegas gerechtigd zou zijn om gasflessen na te vullen wordt aangemerkt als ongeoorloofde misleidende reclame en daarmee onrechtmatig en [gedaagde] verbiedt om deze reclame-uiting zoals zij die nu heeft gedaan nog langer te verspreiden op welke wijze dan ook,
V. bepaalt dat de reclame-uiting op de website van [gedaagde] waarin wordt gesuggereerd dat [gedaagde] gerechtigd is om gasflessen van Benegas na te vullen wordt aangemerkt als ongeoorloofde misleidende reclame en daarmee onrechtmatig en [gedaagde] verbiedt om deze reclame-uiting zoals zij die nu heeft gedaan nog langer te verspreiden op welke wijze dan ook.
Meer subsidiair
VI. [gedaagde] verbiedt te profiteren van de wanprestatie door aan te bieden om gasflessen van Benegas na te vullen.
Primair, subsidiair en meer subsidiair
VII. [gedaagde] veroordeelt om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis over te gaan tot publicatie van de in de dagvaarding vermelde rectificatie op de homepage van de website van [gedaagde] , alsook op haar Instagrampagina en haar Facebookpagina gedurende een periode van 4 weken in een duidelijk leesbaar kader in normale tekstgrootte,
VIII. [gedaagde] veroordeelt tot het verschaffen van een schriftelijke opgave binnen 14 dagen na betekening van het vonnis aan de advocaten van Benegas van:
a.) alle correspondentie (o.a. brieven, e-mails en Whatsapp en alle andere vormen van communicatie) en documenten (o.a. overeenkomsten, offertes en alle vormen van documentatie) die betrekking hebben op het af- en/of het hervullen van gasflessen van Benegas in de meeste brede zin van het woord vanaf de eerste keer van het hervullen van een gasfles van Benegas tot en met heden;
b.) een nauwkeurig overzicht van alle keren dat [gedaagde] gasflessen van Benegas heeft hervuld inclusief de contactgegevens van de afnemer en de data waarop deze afgevulde dan wel hervulde gasflessen aan de afnemers zijn verstrekt, waaronder maar niet beperkt tot verkoopfacturen en orderbevestigingen voor het hervullen van Benegas gasflessen;
c.) de kost- en de verkoopprijs van de onder b. door [gedaagde] geleverde diensten,
d.) het totaalbedrag aan omzet en winst dat is behaald ten gevolge van de dienstverlening zoals onder b.) genoemd.
IX. [gedaagde] zich verbindt om in het geval van niet-nakoming van de hierboven onder I.) t/m VIII.) vermelde verplichting aan Benegas een onmiddellijk opeisbare boete te betalen van € 10.000,- voor overtreding waarmee deze verplichtingen c.q. voorwaarden wordt, c.q. worden overtreden dan wel een boete van € 10.000,- voor iedere dag dat deze overtreding voortduurt met een maximum van € 1.000.000,-- onverminderd het recht van Benegas om in rechte de daadwerkelijk geleden schade te verhalen, zulks ter keuze van Benegas.
X. [gedaagde] veroordeelt in de buitengerechtelijke kosten te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag van volledige betaling;
XI. [gedaagde] primair veroordeelt in de volledige proceskosten ex artikel 1019h Rv, subsidiair en meer subsidiair op basis van het geldende liquidatietarief alsmede de nakosten, zulks te vermeerderen met de wettelijke rente, voor zover mogelijk, indien deze kosten niet zijn voldaan binnen 14 dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis;
3.2.
Benegas baseert haar vorderingen op inbreuk door [gedaagde] op de Benelux merkenrechten van Benegas, een toerekenbare tekortkoming doordat [gedaagde] niet haar verplichtingen uit de samenwerkingsovereenkomst en/of de minnelijke regeling nakomt en het profiteren van een wanprestatie door de eindgebruikers van de flessen die deze ter navulling aanbieden bij [gedaagde] . Tenslotte baseert Benegas haar vorderingen op een onrechtmatige uitlating door [gedaagde] door op haar website te vermelden dat zij namens Benegas optreedt als depothouder.
Benegas stelt dat zij als gevolg van de onrechtmatige gedragingen van [gedaagde] schade heeft geleden, zowel materieel (gederfde omzet uit misgelopen hervullingen, gemaakte kosten om onrechtmatigheid vast te stellen, schade te begroten en kosten ter handhaving) als immaterieel (verlies van onderscheidend vermogen, aantasting goodwill en reputatie) voor welke schade [gedaagde] aansprakelijk is.
3.3.
[gedaagde] voert verweer. Zij voert aan dat de overtreding een gevolg is geweest van miscommunicatie binnen haar bedrijf.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt voor zover hier relevant hierna nader ingegaan.

4.De beoordeling

Spoedeisend belang
4.1.
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat Benegas daarbij een spoedeisend belang heeft. Uit de door Benegas gestelde inbreuk op haar merkenrecht vloeit een voldoende spoedeisend belang voort.
Verbod merkinbreuk
4.2.
Benegas heeft primair gevorderd dat het [gedaagde] verboden wordt inbreuk te maken op haar Beneluxmerken door gasflessen van Benegas te vullen.
4.3.
Uit de stukken en de verklaringen ter zitting is gebleken dat het door Benegas ingeschakelde recherchebureau één overtreding heeft vastgesteld, namelijk het hervullen van een gasfles van Benegas bij de vestiging van [gedaagde] te [plaats 2] , zonder toestemming van Benegas.
Benegas heeft gesteld dat het grote aantal zogenoemde ‘grijsvullers’ (bedrijven die zonder toestemming haar statiegeld gasflessen vullen) in Nederland voor haar een groot probleem vormt, omdat zij hierdoor omzet misloopt en risico loopt op reputatieschade omdat haar gasflessen worden gevuld zonder dat daarbij de strenge veiligheidsvoorwaarden in acht genomen worden die zij zelf hanteert. Zij heeft verder gesteld dat dit al de tweede keer is dat er bij [gedaagde] een overtreding is geconstateerd, dat [gedaagde] na een eerdere overtreding in 2023 een onthoudingsverklaring heeft getekend en dat deze nieuwe overtreding (in strijd met die onthoudingsverklaring) daarom nu serieuze consequenties moet hebben voor [gedaagde] .
4.4.
[gedaagde] heeft verklaard dat slechts sprake is van een eenmalige overtreding, die het gevolg is geweest van interne miscommunicatie en dat zij intern ook gelijk maatregelen heeft genomen door iedereen er nogmaals op te wijzen dat er geen statiegeldflessen van Benegas gevuld mogen worden en plakkaten op te hangen in het bedrijf waaruit dit blijkt.
4.5.
De voorzieningenrechter kan zich goed voorstellen dat eventuele ‘grijsvullers’ een groot probleem vormen voor Benegas. Toch zal Benegas van iedere afzonderlijke geconstateerde overtreding voldoende aannemelijk moeten maken dat deze niet op zichzelf staat maar dat sprake is van een structureel patroon door deze overtreder. Dat heeft Benegas in het geval van [gedaagde] onvoldoende gedaan, zodat bij de verdere beoordeling zal worden uitgegaan van de enkele geconstateerde overtreding.
Het door Benegas primair sub I gevorderde aan [gedaagde] op te leggen verbod om inbreuk te maken op de Beneluxmerken van Benegas door gasflessen van Benegas te vullen is wel toewijsbaar.
Website
4.6.
Benegas heeft verder gesteld dat [gedaagde] inbreuk maakt op haar merkrechten door op haar website te vermelden dat zij namens Benegas optreedt als depothouder en ‘eigendom-flessen’ hervult. Zij heeft gesteld dat [gedaagde] ten onrechte geen duidelijk onderscheid maakt tussen gasflessen die zij wel mag navullen en de statiegeld flessen die eigendom zijn van Benegas en die zij niet mag navullen. Bovendien wordt naast de tekst een afbeelding getoond waarop het assortiment Benegas gasflessen wordt afgebeeld, waarmee ten onrechte de suggestie wordt versterkt dat zij ook de flessen die eigendom zijn van Benegas mag hervullen.
4.7.
[gedaagde] heeft verklaard dat zij deze tekst met daarnaast de afbeelding van gasflessen al gebruikte toen zij nog zaken deed met de rechtsvoorganger van Benegas, Primagaz, maar dat toen op de afbeelding producten van Primagaz werden getoond. Zij heeft verklaard dat, nadat Benegas de activiteiten van Primagaz had overgenomen, zij de namen in de tekst heeft gewijzigd en de afbeelding heeft aangepast naar producten van Benegas en dat niemand haar sindsdien heeft verteld dat dit zo niet toegestaan was.
Benegas heeft in reactie hierop alleen verklaard dat deze weergave ook onder het contract met Primagaz al niet was toegestaan.
4.8.
Tussen partijen is niet in geschil dat [gedaagde] al heel veel jaren zaken doet met aanvankelijk Primagaz en thans Benegas, onder meer door het contract over de huur van de gastank van thans Benegas die op haar terrein staat en die door Benegas wordt gevuld en regelmatig wordt gecontroleerd. Dit contract is onlangs nog verlengd. Geoordeeld wordt dat het in een dergelijk langdurige zakenrelatie past om de zakenrelatie eerst informeel te wijzen op de mogelijke verwarring die ontstaat door de tekst op haar website en haar in staat te stellen die tekst en/of de afbeelding aan te passen. Niet is gesteld of gebleken dat Benegas dit heeft gedaan. Daarom ziet de voorzieningenrechter aanleiding het primair sub II gevorderde verbod slechts toe te wijzen in die zin dat [gedaagde] de tekst en de afbeelding op haar website moet aanpassen op een wijze waardoor de gemiddelde lezer daaruit niet langer het idee kan krijgen dat [gedaagde] ook gasflessen die eigendom zijn van Benegas mag vullen. De eveneens door Benegas gevorderde rectificatie in verband met de tekst op de website wordt afgewezen, omdat deze in het licht van de enkele geconstateerde overtreding te verstrekkend wordt geoordeeld.
4.9.
Ook de gevorderde veroordeling van [gedaagde] tot het doen van een schriftelijk opgave van correspondentie over en het aantal keer dat zij gasflessen van Benegas opnieuw heeft gevuld, de daarvoor berekende prijzen en de daarmee behaalde winst, zoals gevorderd in het petitum sub VIII, wordt hier te verstrekkend geoordeeld en daarom afgewezen. Benegas heeft immers niet voldoende aannemelijk gemaakt dat het hier gaat om meer dan een enkele overtreding.
Boete
4.10.
De door Benegas gevorderde boete voor het geval [gedaagde] een van de veroordelingen niet nakomt wordt toegewezen, zij het dat deze, zowel de boete per keer als de maximale boete, flink gematigd worden.
Buitengerechtelijke kosten
4.11.
Benegas heeft gevorderd dat [gedaagde] wordt veroordeeld in de buitengerechtelijke kosten tot een bedrag van € 2.775,-, als redelijke kosten en in redelijkheid gemaakt, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de datum van de dagvaarding. Deze kosten worden afgewezen. [gedaagde] heeft zich vanaf het moment dat zij werd aangesproken op de geconstateerde overtreding steeds bereid verklaard in gesprek te gaan met bestuurders van Benegas en zij heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat, toen het in februari 2026 tenslotte tot een gesprek kwam met de bestuurder van Benegas, de gesprekken nagenoeg direct volledig zijn overgenomen door de advocaat van Benegas. In dat licht bezien wordt geoordeeld dat Benegas onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er voldoende noodzaak bestond om deze kosten te maken.
Proceskosten
4.12.
[gedaagde] zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten. Benegas heeft gevorderd dat [gedaagde] op grond van artikel 1019h Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) wordt veroordeeld in de volledige proceskosten die zij heeft gemaakt. Zij heeft een specificatie van deze kosten overgelegd tot een bedrag van € 27.853,50 ex btw (exclusief griffierecht).
De grondslag van deze procedure betreft een inbreuk op merkenrecht en de voorzieningenrechter is van oordeel dat de onderhavige zaak een eenvoudig kort geding betreft in de zin van de Indicatietarieven in IE-zaken 2017, zodat een bedrag van maximaal € 6.000,00 als redelijk en evenredig geldt. De salariskosten zullen derhalve tot dit bedrag worden toegewezen en de proceskosten aan de zijde van Benegas worden tot op heden begroot op:
dagvaarding nihil (geen betekeningsexploot)
griffierecht € 735,00
salaris advocaat € 6.000,00
nakosten
€ 189,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 6.924,00
4.13.
De gevorderde wettelijke rente over deze kosten zal worden toegewezen.

5.De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1.
verbiedt [gedaagde] om inbreuk te maken op de Beneluxmerken van Benegas door de gasflessen van Benegas te vullen,
5.2.
verbiedt [gedaagde] om op haar website op onrechtmatige wijze te verklaren dan wel te suggereren dat zij als depothouder namens Benegas gerechtigd is om (statiegeld) gasflessen te vullen die eigendom zijn van Benegas en draagt haar bij wijze van voorlopige voorziening op de afbeelding van het assortiment aan gasflessen van Benegas bij deze tekst te verwijderen,
5.3.
bepaalt dat [gedaagde] in geval van het niet nakomen van het sub 5.1 en 5.2 gegeven verbod een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd wordt van € 500,00 per overtreding en een boete van € 500,-- voor iedere dag dat de overtreding voortduurt, totdat per overtreding een maximum van € 2.500,00 is bereikt, onverminderd het recht van Benegas om in rechte de daadwerkelijk geleden schade te verhalen,
5.4.
veroordeelt [gedaagde] om conform het bepaalde in artikel 1019h Rv over te gaan tot betaling aan Benegas van € 6.924,00 ter zake van de proceskosten, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW Pro over deze kosten met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,
5.5.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
5.6.
wijst af de meer of anders gevorderde voorziening.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.H. Schotman en in het openbaar uitgesproken op
4 juni 2026.
1155