Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:4205

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
23 april 2026
Publicatiedatum
17 april 2026
Zaaknummer
K/4104/11950557
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering betaling drukwerk wegens barterdeal exposure

Eiser heeft voor Sportsgen B.V. drukwerk geleverd en daarvoor zeven facturen gestuurd ter waarde van €5.775,99, die niet zijn betaald. Eiser vordert betaling van dit bedrag vermeerderd met rente en incassokosten. Sportsgen voert verweer dat partijen een barterdeal zijn overeengekomen waarbij de geleverde diensten zijn betaald door het creëren van exposure.

Tijdens de zitting op 27 maart 2026 is eiser niet verschenen, ondanks tijdige kennisgeving. Hierdoor kon eiser geen vragen beantwoorden of verweer voeren tegen de toelichting van Sportsgen. De kantonrechter houdt de stellingen van Sportsgen voor juist en neemt aan dat de facturen zijn voldaan via de barterdeal.

De vordering wordt daarom afgewezen. Tevens wordt eiser veroordeeld in de proceskosten van €864,00, te vermeerderen met kosten van betekening indien niet tijdig betaald. De aanhef van het vonnis wordt aangepast omdat in de dagvaarding abusievelijk een besloten vennootschap als eiser is vermeld in plaats van de natuurlijke persoon met handelsnaam.

Uitkomst: De vordering tot betaling van het geleverde drukwerk wordt afgewezen wegens een overeengekomen barterdeal waarbij betaling via exposure is voldaan.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Zaanstad
Zaaknummer: 11950557 \ CV EXPL 25-3254 (rvk)
Vonnis van 23 april 2026
in de zaak van
[eiser]
,mede h.o.d.n.
[naam 1]
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. K. Shtapakova (Juristu Incasso Juristen B.V.)
rolgemachtigde: [naam 2] ,
tegen
de besloten vennootschap
Sportsgen B.V.,
te Wormer,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Sportsgen,
gemachtigde: mr. C.A. Segaar.

1.De procedure

1.1.
[eiser] heeft bij dagvaarding van 27 oktober 2025 een vordering tegen Sportsgen ingesteld. Sportsgen heeft schriftelijk geantwoord.
1.2.
Op 27 maart 2026 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat Sportsgen ter toelichting van haar standpunten naar voren heeft gebracht. [eiser] is niet op de zitting verschenen.

2.De feiten

2.1.
[eiser] heeft voor Sportsgen diensten verricht en goederen geleverd. Het ging daarbij vooral om het leveren van drukwerk zoals posters en flyers en banners.
2.2.
[eiser] heeft daarvoor 7 facturen verzonden, voor in totaal € 5.775,99.
2.3.
Sportsgen heeft deze facturen niet betaald.

3.Het geschil

3.1.
[eiser] vordert - samengevat - veroordeling van Sportsgen tot betaling van € 6.231,89, vermeerderd met rente en kosten.
3.2.
[eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag.
Sportsgen is op grond van een gemengde overeenkomst, een overeenkomst van opdracht en een overeenkomst van koop, gehouden de facturen voor in totaal € 5.775,99 voor de geleverde diensten en goederen, te voldoen. Sportsgen is echter niet overgegaan tot betaling en daarom heeft [eiser] betalingsherinneringen gestuurd. Omdat Sportsgen ook na de ontvangst van de betalingsherinneringen niet heeft betaald, heeft [eiser] haar incassogemachtigde ingeschakeld en maakt [eiser] ook aanspraak op vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten van € 653,90. Gelet op de te late betaling is Sportsgen de wettelijke rente verschuldigd, te rekenen vanaf 17 oktober 2023.
3.3.
Sportsgen voert verweer. Sportsgen concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiser] . Sportsgen voert het volgende aan. Er is in 2022 tussen partijen een sponsorrelatie aangegaan (barterdeal) waarbij is overeengekomen dat [eiser] in ruil voor ‘exposure’ betaalde door het leveren van diensten zoals het bedrukken van banners, flyers, doeken en vlaggen tot een jaarlijks bedrag van € 15.000,-, later bijgesteld naar € 10.000,-. Sportsgen heeft goederen en diensten van [eiser] afgenomen, maar in ruil daarvoor volgens afspraak voor exposure gezorgd en daarmee aan haar verplichtingen voldaan.

4.De beoordeling

4.1.
Beoordeeld moet worden of Sportsgen nog een bedrag van € 5.775,99 moet betalen. De kantonrechter is van oordeel dat dat niet zo is. Dit oordeel wordt hieronder toegelicht.
4.2.
[eiser] is, zonder afbericht, niet op de zitting verschenen, terwijl zij behoorlijk op de hoogte is gesteld van plaats en tijdstip van de zitting. De zitting is daarom doorgegaan. Omdat [eiser] niet op de zitting is verschenen, heeft zij geen vragen van de kantonrechter kunnen beantwoorden of inlichtingen kunnen geven. Ook heeft zij de nadere toelichting van Sportsgen niet weersproken. Dat komt voor rekening en risico van [eiser] . De kantonrechter verbindt daaraan het gevolg dat de stellingen van Sportsgen voor juist worden gehouden en dat betekent dat als vaststaand wordt aangenomen dat de facturen in het kader van de barterdeal zijn ‘betaald’ door middel van door Sporstgen gecreëerde exposure.
4.3.
De conclusie is dat de vordering van [eiser] wordt afgewezen.
4.4.
De kantonrechter constateert dat in de dagvaarding van 27 oktober 2025 [naam 1] als eisende partij vermeld staat, terwijl in het als productie 1 bij die dagvaarding aangehechte uittreksel van de Kamer van Koophandel staat dat ‘ [naam 1] ’ een handelsnaam is van [eiser] Verder staat in de als productie 8 overgelegde pagina’s 1 en 2 van een eerder op 13 oktober 2025 uitgebrachte dagvaarding, een dagvaarding die is ingetrokken, als eisende partij vermeld [eiser] , mede handelend onder de naam [naam 1] . De kantonrechter gaat er vanuit dat per vergissing in de dagvaarding van 27 oktober 2025 als eisende partij de besloten vennootschap [naam 1] is vermeld en zij ziet aanleiding de aanhef van dit vonnis aan te passen in die zin dat als eiser [eiser] met handelsnaam [naam 1] wordt vermeld.
4.5.
[eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Sportsgen worden begroot op:
- salaris gemachtigde
720,00
(2 punten × € 360,00)
- nakosten
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
864,00

5.De beslissing

De kantonrechter
5.1.
wijst de vorderingen van [eiser] af,
5.2.
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 864,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. D.D.M. Hazeu en in het openbaar uitgesproken op 23 april 2026.