Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2026:4078

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
15 april 2026
Publicatiedatum
16 april 2026
Zaaknummer
NL:TZ:0000226549:B001 ZK
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:391 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlenging van het bewind wegens lopend faillissement en financiële bescherming

De kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland heeft op 15 april 2026 het verzoek tot verlenging van het bewind over betrokkene toegewezen. Het bewind was eerder tijdelijk ingesteld tot 21 april 2026 vanwege verkwisting of problematische schulden. De bewindvoerder heeft verzocht het bewind te verlengen omdat er nog een lopend faillissement is en er een risico bestaat op nieuwe schulden.

Betrokkene ondervindt een taalbarrière die het moeilijk maakt zijn financiële zaken zelfstandig te regelen, zoals het doorgeven van meterstanden. Daarnaast is de verstandhouding tussen betrokkene, de bewindvoerder en de curator verstoord geraakt, wat de situatie bemoeilijkt. De kantonrechter acht het noodzakelijk dat het bewind wordt voortgezet om betrokkene te beschermen tegen financiële risico's.

De kantonrechter overweegt dat het in het belang van betrokkene is dat de bewindvoerder in overleg met de curator de afdracht blijft verzorgen, zeker gezien het lopende faillissement. Daarom wordt het bewind verlengd tot 21 april 2028. Tevens wordt bepaald dat de bewindvoerder de forfaitaire tarieven voor werkzaamheden en kosten mag verhalen op het vermogen van betrokkene.

Uitkomst: Het bewind over betrokkene wordt verlengd tot 21 april 2028 vanwege lopend faillissement en risico op nieuwe schulden.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Zittingsplaats Alkmaar
zaaknummer
:
NL:TZ:0000226549:B001 ZK
dossiernummer
:
BM25056
datum
:
15 april 2026

beschikking op een verzoek tot verlenging van het bewind

op verzoek van:
S. Gopal,
handelend onder de naam MinusPlus,
Twentepoort Oost 61 Unit 26, 7609 RG Almelo,
Kamer van Koophandel-nummer 54263573,
hierna te noemen: verzoeker,
met betrekking tot:

[betrokkene],geboren te [geboorteplaats], op [geboortedatum],[adres]hierna te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoek, ontvangen op 11 februari 2026;
- de nadere informatie, ontvangen op 26 maart 2026.
Het verzoek is mondeling behandeld op 9 april 2026. Daarbij waren aanwezig betrokkene en verzoeker.

beoordeling

Bij beschikking van de kantonrechter d.d. 3 mei 2021 is het vermogen van betrokkene tijdelijk onder bewind gesteld tot 21 april 2026. De grondslag van het bewind is verkwisting of het hebben van problematische schulden. Het bewind staat ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 Burgerlijk Pro Wetboek. Verzoeker vraagt om verlenging van het bewind.
Aan het verzoek wordt, samengevat, het volgende ten grondslag gelegd. Op 21 april 2026 eindigt het schuldenbewind van rechtswege. De bewindvoerder is van mening dat voortzetting van het bewind nog steeds noodzakelijk is, onder meer vanwege een nog lopend faillissement. De bewindvoerder vreest bovendien voor nieuwe schulden. Er is sprake van een taalbarrière en dit maakt het lastig voor betrokkene om zijn financiële zaken zelfstandig te regelen. Zo is het bijvoorbeeld lastig voor betrokkene om meterstanden door te geven. Het contact met betrokkene is heel lang goed geweest maar doordat de contacten met de curator stroef verlopen en zich enkele incidenten hebben voorgedaan lijkt betrokkene ook het vertrouwen in de bewindvoerder te hebben verloren.
Betrokkene wil graag zijn vrijheid terug. Het contact met de curator loopt stroef. Ook de verstandhouding met de bewindvoerder is verstoord geraakt. De situatie rondom het faillissement en het bewind benauwen hem.
De kantonrechter zal het bewind met een periode van twee jaar verlengen en licht dat als volgt toe. Met de bewindvoerder is de kantonrechter van oordeel dat de kans groot is dat er, als het bewind eindigt, snel nieuwe schulden zullen ontstaan omdat -mede gelet op de taalbarrière- betrokkene de financiën onvoldoende overziet. Op dit moment is er nog sprake van een lopend faillissement. De bewindvoerder draagt in overleg met de curator op dit moment zorg voor afdracht en het is in het belang van betrokkene dat deze afdrachten goed blijven verlopen. Daarom is de kantonrechter van oordeel dat het passend en wenselijk is dat de bescherming van het bewind de komende tijd in stand blijft. De kantonrechter zal het verzoek toewijzen. Het bewind zal worden verlengd tot 21 april 2028.

beslissing

De kantonrechter:
- verlengt het bewind tot 21 april 2028.
- bepaalt dat de bewindvoerder voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het bewind gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven, ten laste van het vermogen van betrokkene mag brengen.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van Rijn, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam:
door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.