Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
bijlageaan dit vonnis gehecht en maakt daarvan deel uit.
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland behandelt een zaak waarin verdachte wordt verdacht van medeplegen van het opzettelijk binnenbrengen van 120,6 kilogram cocaïne in Nederland op 19 mei 2024, dan wel het medeplegen van voorbereidings- en bevorderingshandelingen in de periode van 20 maart tot 19 mei 2024.
De verdediging betwist de bewijskracht van stemherkenning door verbalisanten op opgenomen OVC-gesprekken en verzoekt om uitsluiting van dit bewijs of, bij afwijzing, aanhouding van de zaak voor deskundig NFI-onderzoek. De officier van justitie acht de stemherkenning betrouwbaar, mede door aanvullende beoordeling en correcties van de Koninklijke Marechaussee.
De rechtbank constateert dat de bewijskracht van stemherkenning door verbalisanten onvoldoende wetenschappelijk onderbouwd is en dat de verbalisanten geen deskundigheid op dit gebied hebben. Daarom wordt het onderzoek heropend en wordt het NFI opgedragen nader vergelijkend stemonderzoek te verrichten op diverse opgenomen gesprekken.
Het onderzoek wordt geschorst en de zaak aangehouden totdat het NFI-rapport beschikbaar is. De verdachte wordt opgeroepen voor een nieuwe zitting. De rechtbank acht nader onderzoek noodzakelijk om de betrouwbaarheid van het stembewijs te kunnen beoordelen.
Uitkomst: De rechtbank heropent het onderzoek en schorst de zaak voor nader NFI-onderzoek naar de bewijskracht van stemherkenning.