Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
3.Beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 3 maart 2026;
- een proces-verbaal van bevindingen van 26 januari 2026 (dossierpagina 20 e.v.);
- een proces-verbaal van onderzoek verdovende middelen van 27 januari 2026 (dossierpagina 60 e.v.);
- een schriftelijk bescheid, te weten een rapport van het Nederlands Forensisch Instituut van 30 januari 2026 (dossierpagina 72 e.v.), zijnde een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef, onder 4°, van het Wetboek van Strafvordering.
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.De sanctie
7.Toepasselijke wettelijke voorschriften
8.Beslissing
zes (6) maanden.