ECLI:NL:RBNHO:2026:2639

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
11 maart 2026
Publicatiedatum
13 maart 2026
Zaaknummer
12031267 \ CV EXPL 25-8809
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verstek
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:5 lid 4 BWArt. 6:230g lid 1 sub f BWArt. 6:230o lid 1 BWArt. 6:230r lid 1 BWArt. 6:81 jo. 6:83 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Terugbetaling aanbetaling na herroeping gemengde overeenkomst CV-ketel

De eisende partij sloot met de gedaagde een gemengde overeenkomst waarbij een CV-ketel werd verkocht, geleverd en geplaatst. De consument maakte gebruik van het herroepingsrecht binnen de wettelijke termijn van veertien dagen na het sluiten van de overeenkomst buiten de verkoopruimte.

De kantonrechter oordeelde dat de regels van consumentenkoop prevaleren boven die van aanneming van werk bij strijdigheid. De overeenkomst werd tijdens een huisbezoek gesloten, waarbij de consument weinig tijd had om de offerte te overwegen.

De consument heeft de overeenkomst tijdig herroepen, waardoor de gedaagde verplicht is de aanbetaling van € 1.000 onverwijld, uiterlijk binnen veertien dagen na ontvangst van de herroeping, terug te betalen. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf de dag dat de gedaagde in verzuim was, namelijk vanaf 17 februari 2025.

De gedaagde partij werd veroordeeld tot betaling van de aanbetaling, wettelijke rente, proceskosten en nakosten. De vordering werd grotendeels toegewezen, met uitzondering van een deel van de vordering die werd afgewezen.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot terugbetaling van aanbetaling met wettelijke rente en proceskosten wegens tijdige herroeping van de overeenkomst.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 12031267 \ CV EXPL 25-8809
Uitspraakdatum: 11 maart 2026
Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
[eiser]
te [plaats 1]
de eisende partij
gemachtigde: [gemachtigde]
tegen
[gedaagde], h.o.d.n. [bedrijf 1], m.h.o.d.n. [bedrijf 2]
te [plaats 2]
de gedaagde partij
niet verschenen

1.De procedure

1.1.
De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2.De beoordeling

2.1.
De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot terugbetaling van de aanbetaling van € 1.000, te vermeerderen met de wettelijke rente, de proceskosten en de nakosten.
2.2.
Tussen partijen is een gemengde overeenkomst tot stand gekomen. Partijen zijn een overeenkomst met elkaar aangegaan op grond waarvan de gedaagde partij in de uitoefening van zijn bedrijf enerzijds de Cv-ketel heeft verkocht en zou leveren aan de eisende partij (consument) en anderzijds de Cv-ketel zou plaatsen. Daarmee is sprake van zowel een consumentenkoopovereenkomst als van een overeenkomst van aanneming van werk. Dit heeft tot gevolg dat de bepalingen van koop en aanneming naast elkaar van toepassing zijn en dat de regels van consumentenkoop prevaleren boven de regels van aanneming van werk wanneer de regels met elkaar strijdig zijn. [1]
2.3.
De kantonrechter oordeelt dat de overeenkomst is gesloten buiten verkoopruimte. [2] Uit de gestelde omstandigheden door de eisende partij volgt dat de aanbetaling op dezelfde dag heeft plaatsgevonden als het uitbrengen van de offerte door de gedaagde partij. Dit duidt erop dat de eisende partij erg weinig tijd heeft gehad om over de kostenraming na te denken. De overeenkomst is tijdens of in ieder geval op de dag van het huisbezoek gesloten.
Herroepingsrecht
2.4.
Bij het verrichten van diensten kan de consument een overeenkomst op afstand of een overeenkomst buiten de verkoopruimte zonder opgave van redenen ontbinden tot een termijn van veertien dagen is verstreken na de dag waarop de overeenkomst wordt gesloten. Bij een consumentenkoop begint de termijn te lopen vanaf de dag waarop de consument of een door de consument aangewezen derde die niet de vervoerder is, de zaak heeft ontvangen. [3] In beide gevallen heeft de eisende partij de overeenkomst binnen de herroepingstermijn ontbonden.
2.5.
Omdat de eisende partij de overeenkomst binnen de herroepingstermijn heeft ontbonden heeft dit tot gevolg dat de handelaar onverwijld, maar in ieder geval uiterlijk binnen veertien dagen na de dag van ontvangst van de verklaring tot ontbinding alle van de consument ontvangen betalingen moet vergoeden. [4]
Wat is toewijsbaar?
2.6.
De gevorderde hoofdsom wordt toegewezen, omdat deze vordering de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
2.7.
De wettelijke rente over de hoofdsom is toewijsbaar vanaf de dag dat de gedaagde partij in verzuim verkeerde. Zoals hiervoor is overwogen moet de gedaagde partij uiterlijk binnen 14 dagen na herroeping tot terugbetaling over te gaan. De eisende partij heeft de overeenkomst herroepen op 24 januari 2025 en daarna nog een termijn gesteld tot 17 februari 2025. De eisende partij vordert rente over de hoofdsom vanaf 27 januari 2025. Op die datum verkeerde de gedaagde partij echter nog niet in verzuim. [5] De wettelijke rente zal daarom worden toegewezen vanaf 17 februari 2025, omdat dit overeenkomt met de termijn die de eisende partij zelf heeft gesteld.
Conclusie en proceskosten
2.8.
De vordering wordt grotendeels toegewezen.
2.9.
De gedaagde partij wordt overwegend in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. Daarbij wordt de gedaagde partij ook veroordeeld tot betaling van € 72,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 1.000, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 17 februari 2025 tot aan de dag van de gehele betaling;
3.2.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:
dagvaarding € 149,59;
griffierecht € 226,00;
salaris gemachtigde € 144,00;
3.3.
veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van € 72,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de eisende partij worden gemaakt;
3.4.
verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.5.
wijst de vordering voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter

Voetnoten

1.Artikel 7:5 lid 4 BW Pro.
2.Artikel 6:230g lid 1 sub f BW.
3.Artikel 6:230o lid 1 BW.
4.Artikel 6:230r lid 1 BW.
5.Artikel 6:81 jo Pro. 6:83 BW.