ECLI:NL:RBNHO:2026:2405

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
5 maart 2026
Publicatiedatum
9 maart 2026
Zaaknummer
12030607 / VV EXPL 25-199 en C/15/372739 / KG ZA 25-779
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:296 BWArt. 6:119 BWArt. 7:290 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verhuurder veroordeeld tot ontruiming en herstel bedrijfsruimte, huurder geen huur verschuldigd na afsluiting

In deze kortgedingprocedure tussen [eiser] en Multi Action staat een geschil over de huur en het gebruik van een bedrijfsruimte centraal. [eiser] vordert ontruiming, herstel van de bedrijfsruimte en betaling van huur en kosten, terwijl Multi Action toegang tot de ruimte en schadevergoeding eist vanwege afsluiting door [eiser].

De kantonrechter oordeelt dat tussen partijen een huurovereenkomst tot stand is gekomen en dat Multi Action tekort is geschoten in haar betalingsverplichtingen. De huur wordt toegewezen voor de periode juli tot en met oktober 2025, maar niet voor de periode daarna omdat [eiser] de toegang tot de bedrijfsruimte vanaf 1 november 2025 heeft afgesloten, wat een vorm van eigenrichting oplevert.

Multi Action wordt veroordeeld tot ontruiming binnen een maand en herstel van aangebrachte veranderingen, onder de voorwaarde dat [eiser] toegang verschaft. Tevens moet [eiser] Multi Action toegang geven voor ontruiming en herstel. Schadevergoedingen voor huur van wasmachines en installaties worden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Proceskosten worden grotendeels aan Multi Action opgelegd.

Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en bevat een dwangsom voor het niet nakomen van herstelverplichtingen. De uitspraak weerspiegelt een zorgvuldige afweging van contractuele verplichtingen, betalingsachterstanden en het recht op toegang tot gehuurde bedrijfsruimte.

Uitkomst: Multi Action wordt veroordeeld tot ontruiming en herstel van de bedrijfsruimte en tot betaling van huur tot 1 november 2025; [eiser] moet toegang verlenen voor ontruiming en herstel.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter/Voorzieningenrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummers: 12030607 / VV EXPL 25-199 en C/15/372739 / KG ZA 25-779
Vonnis in kort geding van 5 maart 2026
in de zaak 12030607 / VV EXPL 25-199
[eiser],
te [plaats],
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser],
gemachtigde: mr. W.J. de Vries,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MULTI ACTION NL B.V.,
te Nieuwe Wetering,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Multi Action,
gemachtigde: mr. K.G.O. Afriyieh,
en
in de zaak C/15/32739 / KG ZA 25-779
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MULTI ACTION NL B.V.,
te Nieuwe Wetering,
eisende partij,
hierna te noemen: Multi Action,
gemachtigde: mr. K.G.O. Afriyieh
tegen
[eiser],
te [plaats],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [eiser],
gemachtigde: mr. W.J. de Vries.
De zaken in het kort
[eiser] en Multi Action hebben elkaar gedagvaard. Volgens Multi Action heeft [eiser] de toegang van de aan haar verhuurde bedrijfsruimte afgesloten. Zij eist toegang tot het gehuurde en wil dat [eiser] de schade vergoedt die zij als gevolg van de afsluiting heeft geleden. [eiser] betwist de vordering. Hij wil dat Multi Action de bedrijfsruimte ontruimd en vordert dat Multi Action wordt veroordeeld tot betaling van een gebruiksvergoeding voor de winkelruimte. De rechter geeft [eiser] grotendeels gelijk. Multi Action moet de bedrijfsruimte ontruimen omdat zij zich niet aan de huurovereenkomst heeft gehouden. Ook moet zij de veranderingen die zij in de bedrijfsruimte heeft aangebracht ongedaan maken. Daarvoor moet [eiser] wel gelegenheid geven. De huur/gebruiksvergoeding wordt toegewezen tot 1 november 2025, omdat Multi Action de ruimte nadien niet meer heeft kunnen gebruiken.

1.De procedure

in de zaak 12030607 / VV EXPL 25-199
1.1.
[eiser] heeft Multi Action op 26 januari 2026 gedagvaard. Multi Action heeft op 16 februari 2026 een schriftelijk verweer ingediend.
in de zaak C/15/372739 / KG ZA 25-779
1.2.
Multi Action heeft [eiser] op 19 januari 2026 gedagvaard om te verschijnen op de zitting van 28 januari 2026. De Voorzieningenrechter heeft echter op verzoek van [eiser] op voorhand bepaald dat de zaak gelijktijdig met de zaak 12030607 / VV EXPL 25-199 door de kantonrechter zal worden behandeld.
in beide zaken
1.3.
Op 19 februari 2026 heeft een zitting plaatsgevonden. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht. Multi Action heeft gebruik gemaakt van spreekaantekeningen, die zijn overgelegd.
1.4.
Vervolgens is vonnis bepaald.

2.Feiten

2.1.
[eiser] is eigenaar van een bedrijfsruimte aan de [adres] in [plaats] (hierna: de bedrijfsruimte).
2.2.
Per 1 augustus 2023 verhuurde [eiser] de bedrijfsruimte aan [betrokkene 1], handelend onder de naam [bedrijf] (hierna: [betrokkene 1]). [betrokkene 1] exploiteerde in de bedrijfsruimte eerst een telefoonwinkel en later een fastfoodrestaurant.
2.3.
In de zomer van 2025 heeft [betrokkene 1] aan [eiser] gevraagd of hij Multi Action in zijn plaats als huurder mocht stellen.
2.4.
Multi Action is een besloten vennootschap waarvan [betrokkene 2] (hierna: [betrokkene 2]) enig aandeelhouder en bestuurder is. Multi Action wil in de bedrijfsruimte een zelfbedieningswasserette exploiteren.
2.5.
[eiser], [betrokkene 1] en Multi Action hebben vervolgens onderhandeld over een nieuwe huurovereenkomst tussen [eiser] en Multi Action met ingangsdatum 1 juli 2025. Vervolgens hebben partijen een driepartijen-overeenkomst (hierna: de driepartijen-overeenkomst) gesloten. In deze overeenkomst met titel “
Conceptovereenkomst beëindiging en voorwaarden nieuwe huur” staat onder meer het volgende:
“Artikel 3. Voorwaarden voor nieuwe huurovereenkomst
Verhuurder en Nieuwe huurder zullen een nieuwe huurovereenkomst aangaan voor een periode van 5 jaar met een verlengingsoptie van nogmaals 5 jaar (5+5) op de volgende voorwaarden:
1. Borgsom van € 8.400 (incl BTW) is volledig en onvoorwaardelijk betaald aan Verhuurder.
2. De eerste maandhuur (eventueel verminderd met de overeengekomen korting) is betaald.
3. De nieuwe huurovereenkomst is door alle partijen ondertekend.
4. Alle verplichtingen zoals opgenomen in deze overeenkomst en in de nieuwe huurovereenkomst zijn nagekomen of geborgd.
Tot die datum heeft [bedrijf] geen recht op beëindiging en blijft Verhuurder gerechtigd [bedrijf] als huurder aan te spreken.
Artikel 4. Kernvoorwaarden nieuwe huurovereenkomst
• Huurprijs: € 2800 excl. BTW per maand.
• Korting: € 300 per maand gedurende het eerste jaar, uitsluitend op voorwaarde van volledige naleving van alle verplichtingen. Bij enige vorm van niet-naleving vervalt de korting onmiddellijk en zonder ingebrekestelling.(…)
• As-is oplevering door [bedrijf] aan Nieuwe huurder(…)
• Partijen komen overeen dat over de maand juli 2025 geen huur verschuldigd is, mits het definitieve huurcontract uiterlijk op31 juli 2025door zowel huurder als verhuurder rechtsgeldig is ondertekendén de huur voor de maand augustus 2025 vóór die datum op de rekening van de verhuurder is bijgeschreven. Indien niet aan beide voorwaarden is voldaan, vervalt deze vrijstelling en is de huur voor de maand juli 2025 alsnog volledig verschuldigd.”
2.6.
Multi Action heeft van [betrokkene 1] de sleutels van de bedrijfsruimte ontvangen. Vervolgens heeft Multi Action diverse veranderingen in de bedrijfsruimte aangebracht.
2.7.
Op 17 juli 2025 heeft Orbit NL B.V., een andere vennootschap van [betrokkene 2], met Laundry Rental Solutions N.V. een overeenkomst gesloten voor de huur van wasmachines en drogers ten behoeve van de wasserette. De maandelijkse huur daarvan bedraagt € 1.871,51 exclusief btw. Op grond van de overeenkomst is een voorschot van € 15.000,00 verschuldigd.
2.8.
Op 30 juli 2025 heeft Multi Action bij [eiser] geklaagd over de staat van de bedrijfsruimte, dat er nog allerlei spullen staan en dat het niet juist is opgeleverd. Ook zegt hij dat hij de huur daarom niet zal voldoen:

Dear All, I regret to inform you that I must stop making payments at this time. Although I have already paid, I have not received any tangible value in return. Despite cleaning the shop myself and repeatedly requesting to receive it, the shop remains in the same condition, with items still inside, as if nothing has been delivered or finalized. I now find myself in a difficult situation – paying installments, paying suppliers, and fulfilling my contractual obligations – for something that has neither been handed over properly nor maintained. In any reasonable lease agreement a new tenant is usually granted a free period to prepare and arrange the space. Unfortunately, I was not given such a period, even though the final handover has not taken place. Additionally, the shop is still full of goods and garbage and has not been cleaned.”
2.9.
[eiser] en Multi Action hebben vervolgens een
Huurovereenkomst winkelruimte en andere bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW Proondertekend met betrekking tot de bedrijfsruimte (hierna: de huurovereenkomst). Artikel 3.1 bepaalt dat de huurovereenkomst ingaat op 1 augustus 2025 en loopt tot en met 31 juli 2030. Bij beide handtekeningen op pagina 7 wordt als ondertekendatum 1 augustus 2025 vermeld.
2.10.
In artikel 19 van Pro de huurovereenkomst staat:
“Op 24-07-2025 is de Conceptovereenkomst beëindiging en voorwaarden nieuwe huur ondertekend door partijen. De hierin genoemde voorwaarden blijven onvoorwaardelijk van kracht.”
2.11.
Voor de huur van de maand augustus 2025 heeft Multi Action € 2.500,00 aan [eiser] betaald.
2.12.
Per e-mail van 21 september 2025 heeft [eiser] aan Multi Action onder meer het volgende geschreven:
“(…) Wij sommeren u hierbij om uiterlijk dinsdag om 12:00 uur het volledige verschuldigde bedrag te voldoen, bestaande uit:
twee maandtermijnen €2.800 = € 5.600,
contractuele boete per die datum = € 11.000,
Totaal: € 16.600.
Indien u dit bedrag niet tijdig volledig voldoet, zal de in de plaatsstellingsovereenkomst worden ontbonden en zullen wij zonder verdere aankondiging overgaan tot alle benodigde maatregelen, waaronder ontruiming en verhaal van alle verschuldigde bedragen vermeerderd met rente, boetes en kosten.(…)”
2.13.
Op 29 september 2025 heeft [eiser] opnieuw gesommeerd twee maanden huur en een contractuele boete te betalen.
2.14.
Per e-mail van 7 oktober 2025 heeft Multi Action haar excuses aangeboden voor de betalingsachterstand. Als redenen hiervoor wordt vermeld dat [betrokkene 2] ziek is geweest en dat hij de btw-teruggave nog niet heeft ontvangen. Multi Action zegt toe dat zij de wasserette binnen één week na 13 oktober 2025 zal openen, en stelt voor om de huurachterstand in zes termijnen te betalen.
2.15.
Per e-mail van 17 oktober 2025 heeft (dhr. [betrokkene 3] namens) [eiser] aan [betrokkene 2] per e-mail laten weten dat [eiser] nog steeds geen enkele betaling heeft ontvangen. Hij schrijft verder:
“(…) In eerdere e-mails en in het WhatsApp-bericht van vorige week bent u nadrukkelijk gewezen op uw verplichtingen en op het feit dat u zonder toestemming het slot heeft vervangen, waardoor de eigenaar geen toegang meer had tot zijn eigen pand. U bent daarbij gesommeerd de sleutels onverwijld in te leveren.
Tot onze verbazing heeft Multi Action B.V. desondanks getracht het pand opnieuw te betreden. Dit handelen is onrechtmatig en bevestigt nogmaals dat Multi Action B.V. haar verplichtingen niet nakomt. (…)
Wij bevestigen hierbij dat de eerder uitgesproken ontbinding van de overeenkomst definitief is en onverkort van kracht blijft. (…)
Hoewel Multi Action B.V. geen enkel recht meer heeft het pand te betreden, was dit technisch nog mogelijk. De heer [eiser] zal daarom maatregelen treffen om de toegang fysiek onmogelijk te maken, zodat uitsluitend de eigenaar het pand nog kan betreden.
Indien Multi Action B.V. of aan haar gelieerde personen toch trachten het pand te betreden, zal onmiddellijk de politie worden ingeschakeld wegens wederrechtelijke toegang.(…)”
2.16.
Per e-mail van 1 november 2025 heeft [betrokkene 2] [eiser] (onder meer) gesommeerd om hem toegang tot de bedrijfsruimte te geven. In de mail staat onder meer het volgende:
“Inbreuk op huurovereenkomst – eigenrichting – laatste waarschuwing voor kort geding.(…)
U heeft het pand afgesloten met een elektrisch slot en installatie van wasmachines op 13 oktober 2025 verhinderd  eigenrichting (art. 3:296 BW Pro)(…)
De hoofdsleutel is gewijzigd bij ondertekening van het contract op 1 augustus 2025 met medeweten van de heer [eiser] – dit is mijn recht als huurder.
U bent echter het pand binnengekomen via de achterdeur zonder mijn toestemming, heeft het pand afgesloten met een elektrisch slot, terwijl zich in het pand mijn persoonlijke bezittingen en apparatuur bevinden (investering > €45.000).(…)
Ik sommeer u binnen 24 uur (uiterlijk maandag 3 november 2025 om 12.00 uur – eerste werkdag na weekend):
1. Het elektrische slot verwijderen, sleutels overdragen, de achterdeur permanent afsluiten voor u en alle aan u verbonden personen, en mij volledige en onbeperkte toegang verlenen. (…)
2.17.
[eiser] heeft daarop geantwoord dat er geen sprake is van een huurovereenkomst, omdat Multi Action niet aan de gestelde voorwaarden voor een huurovereenkomst heeft voldaan.

3.Het geschil

in de zaak 12030607 \ VV EXPL 25-199:
3.1.
[eiser] vordert (samengevat) dat de kantonrechter Multi Action veroordeelt om:
I. de bedrijfsruimte binnen drie dagen na betekening van het vonnis te ontruimen;
II. voorafgaand aan de ontruiming de bedrijfsruimte terug te brengen in de staat waarin deze zich bevond op het moment dat gedaagde de bedrijfsruimte in gebruik heeft genomen op de wijze als in het petitum vermeld en op straffe van een dwangsom;
III. aan [eiser] € 17.828,00 te betalen voor het gebruik van de bedrijfsruimte vanaf 1 juli 2025 tot en met december 2025, te vermeerderen met € 3.388,- voor iedere maand of gedeelte daarvan dat gedaagde de bedrijfsruimte na 31 december 2025 blijft gebruiken;
IV. aan [eiser] € 1.800,00 te betalen aan contractuele boeterente;
V. aan [eiser] primair € 2.674,20 en subsidiair € 953,28 te betalen aan buitengerechtelijke incassokosten;
VI. met veroordeling van Multi Action in de proceskosten, vermeerderd met wettelijke rente.
3.2.
[eiser] legt aan de vordering (samengevat) ten grondslag dat Multi Action de bedrijfsruimte zonder recht of titel gebruikt althans ernstig tekortschiet in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst. In beide gevallen dient Multi Action de bedrijfsruimte te ontruimen. Daarnaast heeft Multi Action onrechtmatig gehandeld door zonder toestemming van [eiser] allerlei wijzigingen in de bedrijfsruimte aan te brengen en onderdelen daarvan te slopen. Dit moet Multi Action herstellen. Daarnaast heeft Multi Action een betalingsachterstand en dient zij de als gevolg daarvan verschuldigde boeterente en buitengerechtelijke incassokosten te betalen.
3.3.
Multi Action voert verweer.
in de zaak C/15/372739 / KG ZA 25-779
3.4.
Multi Action vordert dat de Voorzieningenrechter [eiser] gebiedt om:
I. Multi Action volledig vrije toegang te verschaffen tot de bedrijfsruimte, op straffe van een dwangsom;
II. medewerking te verlenen aan de installatie van de wasmachines door het bedrijf LDL, op straffe van een dwangsom;
III. een totaalbedrag van € 11.229,06, te voldoen binnen 3 dagen na betekening van het vonnis;
IV. een totaalbedrag van € 15.669,50 te voldoen binnen 3 dagen na betekening van het vonnis
V. met veroordeling van [eiser] in de proceskosten.
3.5.
Multi Action legt aan de vorderingen ten grondslag dat [eiser] tekort is geschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst. [eiser] heeft er vanaf de start van de huurovereenkomst niet voor gezorgd dat de vorige huurder de ruimte vrijmaakte voor exploitatie. Daarnaast heeft [eiser] de ruimte sinds 13 oktober 2025 vergrendeld, waardoor exploitatie van zijn bedrijf onmogelijk is. Multi Action wil daarom dat [eiser] hem alsnog toegang verschaft tot het pand zodat hij met de exploitatie kan beginnen. Daarnaast wil zij dat [eiser] haar schade vergoedt. Deze schade betreft de huur van de wasmachines van in totaal € 11.229,06 (zes maanden maal € 1.871,51) en kosten voor installaties waar zij geen gebruik van kan maken. Daarbij gaat het volgens Multi Action om een schadepost van € 15.669,50.
3.6.
[eiser] voert verweer.
3.7.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4. De beoordeling
in beide zaken [1] :
Toetsingskader
4.1.
Voor toewijzing van een vordering in kort geding is vereist dat de aan die vordering ten grondslag gelegde feiten en omstandigheden voldoende aannemelijk zijn en dat het ook in voldoende mate waarschijnlijk is dat die vordering in een nog te voeren bodemprocedure wordt toegewezen. In een kortgedingprocedure is geen plaats voor een – diepgaand – onderzoek naar bestreden feiten. Dat moet gebeuren in een eventuele bodemprocedure. De beoordeling in dit kort geding is dan ook niet meer dan een voorlopig oordeel over het geschil tussen partijen.
Spoedeisend belang
4.2.
Verder kan een vordering in kort geding alleen worden toegewezen als de eisende partij daarbij een spoedeisend belang heeft. Dat is het geval. Multi Action heeft er belang bij om zo spoedig mogelijk weer over de bedrijfsruimte te beschikken om daar haar wasserette te kunnen exploiteren. [eiser] heeft op zijn beurt een spoedeisend belang bij een ontruiming van de bedrijfsruimte, gelet op zijn stellingen dat sprake is van een flinke (oplopende) betalingsachterstand en Multi Action geen recht of titel heeft om de bedrijfsruimte te gebruiken.
in de zaak 12030607 \ VV EXPL 25-199:
4.3.
De kantonrechter ziet aanleiding om eerst de vordering van [eiser] tot betaling van € 17.828,00 voor het gebruik van de bedrijfsruimte vanaf 1 juli 2025 tot en met december 2025 te beoordelen.
4.4.
De kantonrechter stelt voorop dat [eiser] zich er niet op kan beroepen dat tussen partijen geen huurovereenkomst tot stand is gekomen. Dat partijen een huurovereenkomst wensten te sluiten blijkt reeds uit de driepartijen-overeenkomst. Vervolgens hebben zij daar ook daadwerkelijk uitvoering aan gegeven door de
Huurovereenkomst winkelruimtete ondertekenen. Dat in artikel 19 van Pro die overeenkomst staat dat de in de driepartijen-overeenkomst genoemde voorwaarden onvoorwaardelijk van kracht blijven, betekent niet dat partijen hebben beoogd om een geheel voorwaardelijke huurovereenkomst te sluiten. [eiser] heeft zich ook niet zo gedragen tegenover Multi Action. De bedrijfsruimte is aan Multi Action ter beschikking gesteld en partijen hebben elkaar over en weer aangesproken op de nakoming van verplichtingen uit de huurovereenkomst. De kantonrechter gaat er in dit kort geding dan ook vanuit dat tussen partijen een huurovereenkomst tot stand is gekomen, waaruit over en weer verplichtingen voortvloeien. De stelling van [eiser] dat Multi Action zonder recht of titel gebruik heeft gemaakt van de bedrijfsruimte wordt daarom verworpen.
Mocht Multi Action zijn betalingen opschorten?
4.5.
Op grond van de driepartijen-overeenkomst en de huurovereenkomst is Multi Action maandelijks huur verschuldigd aan [eiser]. Multi Action heeft echter behalve een betaling van € 2.500,00 voor de maand augustus 2025 geen huur betaald. Zij beroept zich daarbij op opschorting. Volgens Multi Action is [eiser] tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst door (1) de bedrijfsruimte niet leeg aan haar op te leveren en (2) haar de toegang tot de bedrijfsruimte te ontzeggen.
4.6.
Het beroep op de eerste grond slaagt niet. In artikel 4 (“K
ernvoorwaarden nieuwe huurovereenkomst”) van de driepartijen-overeenkomst staat: “
As-is oplevering door [bedrijf] aan Nieuwe huurder”. Ook in de huurovereenkomst (artikel 18.3) staat: “
Oplevering door [bedrijf] geschiedt “as is””.Daaruit volgt dat niet [eiser] maar [bedrijf] verantwoordelijk is voor de oplevering van de bedrijfsruimte. Multi Action had daarom [bedrijf] moeten aanspreken op het tijdig leeg opleveren van de bedrijfsruimte. Van een tekortkoming van [eiser] is geen sprake.
4.7.
Ten aanzien van de tweede grond voor opschorting overweegt de kantonrechter dat [eiser] ter zitting heeft erkend dat zij per 1 november 2025 de bedrijfsruimte heeft afgesloten “met een plaatje”. Op dat moment was al een betalingsachterstand van enkele maanden ontstaan. Multi Action had immers al sinds juli 2025 de beschikking over het bedrijfspand. Van een tekortkoming van [eiser] was toen in ieder geval nog geen sprake.
4.8.
De conclusie is dat Multi Action geen gegronde reden had om de betaling van de huur op te schorten.
Betalingsachterstand
4.9.
Het voorgaande betekent dat Multi Action tekortgeschoten is in het nakomen van haar betalingsverplichting en de vordering tot betaling van de huur in beginsel toewijsbaar is. De kantonrechter zal de vordering echter beperken tot de maanden juli tot en met oktober 2025. Met de afsluiting van de bedrijfsruimte vanaf 1 november 2025 heeft [eiser] het Multi Action immers onmogelijk gemaakt haar bedrijf te exploiteren. Aangezien Multi Action de bedrijfsruimte al in gebruik had genomen en niet heeft verlaten levert de afsluiting daarvan naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter een vorm van eigenrichting op. Dat betekent dat op voorhand onvoldoende aannemelijk is dat in een bodemprocedure wordt geoordeeld dat Multi Action ook de (volledige) huur vanaf november 2025 moet voldoen. De huur over juli 2025 is echter wel verschuldigd omdat Multi Action niet heeft voldaan aan de voorwaarden voor vrijstelling als genoemd in artikel 4 van Pro de driepartijen-overeenkomst, dat op grond van artikel 19 van Pro de huurovereenkomst onverminderd geldt. De kantonrechter zal de vordering dan ook toewijzen voor de periode van juli tot en met oktober 2025, waarop de betaling van € 2.500,00 in mindering strekt. Daarbij gaat de kantonrechter uit van de in de huurovereenkomst overeengekomen huur van € 3.388,00 per maand (inclusief btw). Dat betekent dat Multi Action wordt veroordeeld tot betaling van € 11.052,00 (€ 13.552,00 -/- € 2.500,00).
Ontruiming
4.10.
De tekortkoming van Multi Action is zodanig dat deze ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt, en daarop vooruitlopend in dit kort geding, ontruiming van het gehuurde.
Boeterente en buitengerechtelijke incassokosten
4.11.
[eiser] vordert verder boeterente en buitengerechtelijke incassokosten op basis van de algemene bepalingen. De kantonrechter wijst deze vorderingen af. Multi Action heeft namelijk nadrukkelijk betwist dat zij deze algemene bepalingen heeft ontvangen. Op de plaats waar de huurder tekent voor ontvangst van een eigen exemplaar van de algemene voorwaarden (pagina 7) staat geen handtekening. Ook anderszins is niet gebleken dat Multi Action aan de algemene bepalingen gebonden is. Op voorhand is daarom onvoldoende aannemelijk dat de daarop gebaseerde boeterente en incassokosten in een eventuele bodemprocedure worden toegewezen.
4.12.
De subsidiair gevorderde buitengerechtelijke incassokosten op grond van de wet zijn wel toewijsbaar omdat voldoende is gebleken dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. De kantonrechter zal de kosten toewijzen volgens het wettelijke tarief dat hoort bij de hoofdsom waartoe Multi Action zal worden veroordeeld, te weten een bedrag van € 885,52.
Vordering tot terugbrengen in originele staat
4.13.
[eiser] vordert ook dat Multi Action wordt veroordeeld om de bedrijfsruimte terug te brengen in de staat waarin deze zich bevond op het moment dat zij de bedrijfsruimte in gebruik nam. Concreet wil [eiser] dat Multi Action de betonvloer en het plafond herstelt, laminaat (terug)plaatst, de verwijderde verlichting terugplaatst en de alarmkabels naar het bedieningspaneel en de signaalkabel van de buitenunit van de airco herstelt. Multi Action heeft geen verweer gevoerd tegen deze vordering. Multi Action zal daarom worden veroordeeld om de genoemde veranderingen ongedaan te maken, zij het onder de voorwaarde dat [eiser] hiervoor toegang tot de bedrijfsruimte verschaft. De door [eiser] gevorderde dwangsom wordt gematigd.
4.14.
De kantonrechter is van oordeel dat de gevorderde ontruimingstermijn van drie dagen na betekening van dit vonnis te kort is om aan deze veroordeling te voldoen. De kantonrechter zal de ontruimingstermijn voor Multi Action daarom bepalen op één maand na betekening van dit vonnis.
in de zaak C/15/372739 / KG ZA 25-779
Vordering tot vrije toegang
4.15.
Multi Action is veroordeeld tot ontruiming van de bedrijfsruimte. Dat betekent dat zij de ruimte zal moeten verlaten en in beginsel geen recht en belang heeft bij vrije toegang tot de bedrijfsruimte. In dit geval heeft Multi Action echter toch belang bij deze vordering, omdat zij daadwerkelijk de gelegenheid moet krijgen om haar eigendommen uit de bedrijfsruimte te verwijderen en uitvoering te geven aan de veroordeling tot herstel van de bedrijfsruimte. De kantonrechter zal [eiser] daarom veroordelen om Multi Action met dat doel toegang te verschaffen tot de bedrijfsruimte. Als [eiser] daaraan niet (tijdig) voldoet, is Multi Action niet in staat en derhalve niet verplicht de bedrijfsruimte in de oude staat terug te brengen. Een dwangsom als prikkel tot nakoming acht de kantonrechter daarom niet nodig.
Medewerking aan het verlenen van de installatie van de wasmachines
4.16.
De vordering tot het meewerken aan de installatie van de wasmachines wordt afgewezen. Aangezien Multi Action de bedrijfsruimte moet ontruimen heeft zij hier geen belang meer bij.
Schadevergoeding van € 11.229,06
4.17.
Multi Action vordert verder schade wegens de huur van de wasmachine van in totaal € 11.229,06 (zes maanden maal € 1.871,50). Multi Action stelt dat zij deze wasmachines nooit heeft kunnen laten plaatsen omdat de bedrijfsruimte op 13 oktober 2025 was afgesloten, maar dat zij wel de huur daarvoor maandelijks moet voldoen. [eiser] heeft de vordering betwist. Zij heeft aangevoerd dat niet Multi Action maar Orbit de huurovereenkomst voor de wasmachines is aangegaan, zodat alleen Orbit deze vordering kan instellen. Bovendien heeft [eiser] gemotiveerd betwist dat de gevorderde schade daadwerkelijk is geleden. Op voorhand is dan ook onvoldoende aannemelijk dat in een bodemprocedure wordt geoordeeld dat [eiser] de gestelde schade zal moeten vergoeden. Deze schadevordering wordt daarom afgewezen.
Schadevergoeding van € 15.669,50
4.18.
Ten slotte vordert Multi Action € 15.669,50 aan schade wegens de aanleg van installaties waarvan zij geen gebruik kan maken. Ook voor deze vordering geldt dat op voorhand onvoldoende aannemelijk is dat [eiser] in een bodemprocedure wordt veroordeeld tot vergoeding van die schade. Een grondslag voor de vordering is onvoldoende gebleken. Ook is de omvang van de schade onvoldoende onderbouwd. Daarom wordt ook deze schadevordering afgewezen.
Proceskosten
4.19.
Multi Action is in beide zaken grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. Vanwege de samenhang tussen de zaken die gelijktijdig op één zitting zijn behandeld, past de kantonrechter een factor van 0,75 toe op het salaris van de gemachtigde. De proceskosten van [eiser] worden daarmee begroot op:
in de zaak 12030607 / VV EXPL 25-199
- kosten van de dagvaarding
155,02
- griffierecht
753,00
- salaris gemachtigde
432,75
(factor 0,75 x € 577,00)
- nakosten
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.484,77
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
in de zaak C/15/372739 / KG ZA 25-779
- griffierecht
1.414,00
- salaris advocaat
570,00
(factor 0,75 x € 760,00)
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
2.173,00

5.De beslissing

De kantonrechter
in de zaak 12030607 / VV EXPL 25-199
5.1.
veroordeelt Multi Action om de bedrijfsruimte aan de [adres] in [plaats] binnen een maand na betekening van dit vonnis te ontruimen en te verlaten en de bedrijfsruimte aan [eiser] op te leveren, en alle sleutels die Multi Action van de bedrijfsruimte heeft bij [eiser] in te leveren;
5.2.
veroordeelt Multi Action om de bedrijfsruimte aan de [adres] in [plaats] voorafgaand aan de ontruiming terug te brengen in de staat waarin deze zich bevond op het moment dat de bedrijfsruimte in gebruik heeft genomen door:
- de betonvloer te herstellen,
- het laminaat (terug) te plaatsen,
- het plafond te herstellen,
- de verwijderde verlichting terug te plaatsen,
- de alarmkabel naar het bedieningspanel te herstellen,
- de signaalkabel van de buitenunit van de airco te herstellen,
onder de voorwaarde dat [eiser] hiertoe aan Multi Action de toegang tot de bedrijfsruimte verschaft;
5.3.
veroordeelt Multi Action om aan [eiser] een dwangsom te betalen van € 10.000,00 indien hij niet aan de veroordeling onder 5.2 voldoet en [eiser] wel aan de voorwaarde heeft voldaan;
5.4.
veroordeelt Multi Action om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 11.052,00 aan huur/gebruiksvergoeding voor de periode van 1 juli 2025 tot 1 november 2025;
5.5.
veroordeelt Multi Action om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 885,82 aan buitengerechtelijke incassokosten;
5.6.
veroordeelt Multi Action in de proceskosten van € 1.484,77, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe of betekening van het vonnis, te vermeerderen met de kosten van betekening als Multi Action niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
5.7.
veroordeelt Multi Action tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald;
5.8.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
5.9.
wijst het meer of anders gevorderde af.
in de zaak C/15/372739 / KG ZA 25-779
5.10.
veroordeelt [eiser] om Multi Action binnen drie werkdagen na betekening
van dit vonnis toegang te verschaffen tot de bedrijfsruimte aan de [adres] in [plaats], ten behoeve van de ontruiming en de uitvoering van de onder 5.2 vermelde veroordeling;
5.11.
veroordeelt Multi Action in de proceskosten van € 2.173,00 te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe of betekening van het vonnis, te vermeerderen met de kosten van betekening als Multi Action niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
5.12.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
5.13.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.P.E. Oomens en in het openbaar uitgesproken op 5 maart 2026.

Voetnoten

1.Waar in dit vonnis “kantonrechter” staat dient daar voor zover het (mede) de zaak C/15/372739 KG ZA 25-779 betreft (ook) “Voorzieningenrechter” te worden gelezen.