Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sancties
7.Beslag
8.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel - zaak A
€ 15.500,-. De rechtbank heeft bij het vaststellen van dit bedrag aansluiting gezocht bij de ‘Rotterdamse schaal’, een ordening van smartengeldbedragen. Naar het oordeel van de rechtbank past het feit in de categorie a van ‘Milt’ van die schaal (14.11) met een bijpassend bedrag van minimaal € 14.000,- en wordt hierbij een bedrag opgeteld gelet op aard van de aansprakelijkheid: de verdachte heeft de benadeelde partij in een woning uit het niets meerdere messteken toegebracht.
€ 16.966,38.
€ 387,95 betreft dit 2 juli 2025 (datum afschrijving eigen risico).
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
ter beschikking wordt gesteld en beveelt dat hij van overheidswege wordt verpleegd;
[slachtoffer 1]geleden schade tot een bedrag van
€ 16.966,38(zestienduizend negenhonderdzesenzestig euro en achtendertig eurocent), bestaande uit € 1.466,38 als vergoeding voor de materiële schade en € 15.500,- als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag vermeerderd met de wettelijke rente over:
- € 15.842,- vanaf 8 maart 2025;
- € 736,43 vanaf 17 maart 2025;
- € 387,95 vanaf 2 juli 2025;
[slachtoffer 1]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van
€ 16.966,38(zestienduizend negenhonderdzesenzestig euro en achtendertig eurocent), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 0 dagen gijzeling en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente over:
- € 15.842,- vanaf 8 maart 2025;
- € 736,43 vanaf 17 maart 2025;
- € 387,95 vanaf 2 juli 2025;