Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
de hoogtevan de genoemde schadeposten ten aanzien van het horloge (€ 7.000,-), de armband (€ 3.900,-), de zonnebril (€ 280,-) en de horlogekasten (€ 1.800,-) overigens niet betwist.
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
24 [vierentwintig] maanden;
8 [acht] maanden nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van 2 [twee] jaren;
[slachtoffer]geleden schade tot een bedrag van
€ 6.000,-[zesduizend euro], bestaande uit € 3.000,- [drieduizend euro] als vergoeding voor de materiële en € 3.000,- [drieduizend euro] als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 12 augustus 2024 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [slachtoffer], voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting;