ECLI:NL:RBNHO:2026:1000

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
17 februari 2026
Publicatiedatum
4 februari 2026
Zaaknummer
11735526 \ CV EXPL 25-2154
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 194 RvArt. 195 RvArt. 165 lid 2 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering tot betaling huurachterstand en servicekosten met incident inzage meterstanden en verdeelsleutel

In deze civiele zaak vordert eiser betaling van achterstallige huur, servicekosten, boetes, incassokosten en onderhoudskosten van gedaagde Vredehof Fitness B.V. Gedaagde voert verweer en vordert huurprijsvermindering en kostenvergoeding. Tevens is een incident aanhangig waarin gedaagde inzage eist in onderliggende facturen, meterstanden en verdeelsleutel voor servicekosten.

De kantonrechter oordeelt dat gedaagde een rechtmatig belang heeft bij inzage in de gevraagde documenten, omdat deze nodig zijn om de servicekosten te controleren. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd dat hij deze gegevens al volledig heeft verstrekt. Daarom wordt eiser veroordeeld tot verstrekking van foto’s van meterstanden en de verdeelsleutel, onder dreiging van een dwangsom.

Voor de hoofdzaak wordt een mondelinge behandeling bevolen om partijen gelegenheid te geven hun standpunten nader toe te lichten, inlichtingen te verstrekken en te onderzoeken of een minnelijke regeling mogelijk is. Verdere beslissingen worden aangehouden.

Uitkomst: Eiser wordt veroordeeld tot verstrekking van meterstanden en verdeelsleutel onder dwangsom, en mondelinge behandeling wordt bevolen voor verdere beoordeling.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Alkmaar
Zaaknummer: 11735526 \ CV EXPL 25-2154 (SJ)
Vonnis van 17 december 2025
in de zaak van
[eiser] , t.h.o.d.n. Eenmanszaak [naam],
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. J.W. Bloem,
tegen
Vredehof Fitness B.V.,
te Amersfoort,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Vredehof,
gemachtigde: mr. E.D. van Tellingen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 26 mei 2025, met producties 1 tot en met 13;
- de conclusie van antwoord met tegenvordering en een verzoek in incident strekkende tot verstrekking van afschrift als bedoeld in artikel 195 Rv Pro, met producties 1 tot en met 40
- de conclusie van antwoord in de tegenvordering tevens conclusie van antwoord in het incident, met producties 14 tot en met 23.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.Het geschil

In de hoofdzaak
2.1.
[eiser] vordert om Vredehof te veroordelen tot betaling van:
- € 44.282,11 (inclusief BTW) aan achterstallige huur;
- € 2.235,00 (inclusief BTW) aan servicekosten;
- € 9.900,00 in verband met verbeurde boetes in verband met de te late betalingen, te vermeerderen met € 300,00 per maand vanaf 1 april 2025;
- € 9.991,07 in verband met buitengerechtelijke incassokosten;
- € 2.397,31 in verband met door [eiser] voorgeschoten onderhoudskosten;
- € 14.679,87 in verband met het vervangen van de airco-installatie en tot betaling van de proceskosten.
2.2.
Vredehof voert verweer en vordert in de tegenvordering dat [eiser] wordt veroordeelt tot betaling van:
- primair € 127.782,21 aan huurprijsvermindering over de periode van 1 september 2019 tot 1 juni 2024 en subsidiair € 59.710,71 aan huurprijsvermindering over de periode van 1 juli 2022 tot 1 juni 2024;
- € 13.195,05 aan kosten voor het herstellen van het luchtbehandelingssysteem;
- € 4.537,50 aan waarborgsom, een en ander te vermeerderen met de wettelijke rente en tot betaling van de proceskosten.
In het incident
2.3.
Vredehof vordert om [eiser] te veroordelen om binnen 21 dagen na de datum van het te wijzen vonnis aan Vredehof te verstrekken ter onderbouwing van de servicekosten (1) alle facturen gas/water/elektra over de periode van 1 mei 2019 tot juni 2025, (2) (foto’s van) alle meterstanden per jaar vanaf 2019, en (3) de verdeelsleutel voor de huurders/gebruikers, op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag, tot een maximum van € 25.000,00.
2.4.
Vredehof stelt dat zij meerdere keren aan [eiser] heeft verzocht om de onderliggende facturen en contracten bij de eindafrekening en om de bij de eindafrekening gehanteerde verdeelsleutel en (foto’s) van de meterstanden, maar dat [eiser] deze tot op heden weigert om te verstrekken. De eerder via WeTransfer verstrekte gegevens waren zeer gebrekkig en bevatten geen onderliggende facturen, meterstanden en verdeelsleutel. Volgens Vredehof handelt [eiser] daarmee niet alleen in strijd met de huurovereenkomst en de algemene bepalingen, maar wordt Vredehof ook niet in staat gesteld om op deugdelijke wijze haar daadwerkelijk verbruik aan gas/water/elektra te controleren en vast te stellen. Voor Vredehof is het van groot belang om over alle verzochte bescheiden te beschikken om zo het daadwerkelijk verbruik te kunnen vaststellen. Te meer omdat Vredehof zich op het standpunt stelt dat zij sinds de aanvang van de huurovereenkomst te veel aan gas/water/elektra heeft betaald.
2.5.
[eiser] voert aan dat de vordering in het incident moet worden afgewezen bij gebrek aan belang. Volgens [eiser] zijn de onderliggende documenten al eerder via WeTransfer naar Vredehof toegestuurd en daarop heeft Vredehof niet meer gereageerd. In het kader van het incident heeft [eiser] de stukken nogmaals ingediend. Wat de verdeelsleutel betreft voert [eiser] aan dat er voor de elektra altijd een tussenmeter geplaatst is geweest en dat de doorbelaste elektrakosten dus de daadwerkelijk door Vredehof gemaakte kosten zijn. Voor gas en water is er niet altijd een werkende tussenmeter geweest en is het aan Vredehof doorberekende percentage ten aanzien van die posten afgeleid van het stroomverbruik van Vredehof ten opzichte van het totale stroomverbruik in het pand en komt telkens uit op zo’n 45%.

3.De beoordeling

In het incident
3.1.
In de wet staat dat een partij bij een rechtsbetrekking tegenover degene die beschikt over bepaalde gegevens over die rechtsbetrekking, recht heeft op inzage, afschrift of uittreksel van die gegevens als zij daarbij voldoende belang heeft (artikel 194 lid 1 Rv Pro). Degene die over de gegevens beschikt, is verplicht daarvan desverzocht inzage, afschrift of uittreksel te verstrekken, tenzij (a) hem een verschoningsrecht als bedoeld in artikel 165 lid 2 Rv Pro toekomt of (b) gewichtige redenen zich daartegen verzetten (artikel 194 lid 2 Rv Pro). Op verzoek kan de rechter diegene bevelen tot nakoming van de verplichting uit hoofde van artikel 194 Rv Pro en daarbij de voorwaarden bepalen waarbinnen de betreffende gegevens moeten worden verstrekt (zie art. 195 Rv Pro).
3.2.
De kantonrechter stelt vast dat tussen partijen niet in geschil dat er tussen hen sprake is van een rechtsbetrekking en dat de door Vredehof gevraagde bescheiden deze rechtsbetrekking aangaan. De kantonrechter gaat hiervan dan ook uit. Verder heeft Vredehof naar het oordeel van de kantonrechter in voldoende mate bepaald en gesubstantieerd welke stukken zij van [eiser] wil verkrijgen. En [eiser] heeft geen verschoningsrecht of gewichtige redenen aangevoerd, die zich tegen het verstrekken daarvan verzetten. [eiser] betwist alleen het belang van Vredehof bij verstrekking van de door haar gevraagde bescheiden omdat hij alle stukken al in een eerder stadium heeft verstrekt en nogmaals in het kader van het incident.
3.3.
De kantonrechter is van oordeel dat Vredehof nog steeds een rechtmatig belang heeft bij verstrekking van de door haar gevraagde bescheiden. Weliswaar heeft [eiser] bij het antwoord in het incident per huurperiode van een jaar een overzicht c.q. een eindafrekening als productie gedeeld met de achterliggende facturen. Maar [eiser] heeft geen (foto’s van) meterstanden en de verdeelsleutel voor de huurders/gebruikers van het hele pand overgelegd, terwijl daarom wel door Vredehof is verzocht. Vredehof stelt, naar het oordeel van de kantonrechter, terecht dat deze gegevens van belang zijn om de in rekening gebrachte servicekosten te kunnen controleren. Te meer omdat [eiser] op grond van de standen op de tussenmeter de elektra heeft afgerekend, de verdeelsleutel voor gas en water hiervan heeft afgeleid en er meerdere huurders/gebruikers in het pand zijn. Het verweer van [eiser] faalt dan ook en [eiser] zal worden veroordeeld om de (foto’s) van de meterstanden en de verdeelsleutel voor de huurders/gebruikers van het hele pand over te leggen.
3.4.
Vredehof heeft de kantonrechter gevraagd verstrekking toe te wijzen op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat [eiser] niet aan de veroordeling voldoet. De kantonrechter wijst dit verzoek toe. Vredehof heeft voldoende onderbouwd waarom zij een dwangsom noodzakelijk vindt. Vredehof heeft gesteld dat zij meermaals heeft verzocht om een deugdelijke gespecificeerde eindafrekening van de servicekosten, onderbouwd met de onderliggende facturen, exacte meterstanden en verdeelsleutel en deze nooit ontvangen. De stelling van [eiser] dat hij alle gegevens eerder via WeTransfer heeft gestuurd, is niet (nader) onderbouwd.
3.5.
[eiser] is in dit incident in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen, die de kantonrechter begroot op € 271,00 aan salaris gemachtigde en € 138,00 aan nakosten (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing).
In de hoofdzaak
3.6.
De kantonrechter zal een mondelinge behandeling bevelen om inlichtingen over de zaak te vragen, partijen gelegenheid te geven hun stellingen nader te onderbouwen en om te onderzoeken of partijen het op een of meer punten met elkaar eens kunnen worden.
3.7.
De kantonrechter wijst [eiser] erop dat het niet de taak van de kantonrechter is om in de omvangrijke producties 14 tot en met 23 te grasduinen zonder dat daarop een concrete (van [eiser] te vergen) toelichting op is gegeven. Om de vordering tot betaling van de servicekosten te kunnen beoordelen, verwacht de kantonrechter van [eiser] dan ook dat hij op een inzichtelijke wijze toelicht hoe de in rekening gebrachte servicekosten uit deze gegevens zijn afgeleid. Verder dient [eiser] de door hem gehanteerde verdeelsleutel voor gas en water te verduidelijken. Het standpunt dat aansluiting is gezocht bij het stroomverbruik van Vredehof ten opzichte van het totale stroomverbruik omdat er voor gas en water niet altijd een werkende tussenmeter is geweest, is zonder nadere toelichting, niet te volgen. Tot slot dienen partijen aan de kantonrechter te laten weten welke stukken zijn overgelegd in september 2020 [1] en 16 december 2024. [2] Indien dit andere stukken zijn dan productie 14 tot en met 23, dan wil de kantonrechter die stukken uiterlijk tien dagen voor de zitting van [eiser] ontvangen.
3.8.
De kantonrechter wijst erop dat zij uit een niet verschijnen van een partij op de mondelinge behandeling de gevolgtrekkingen - ook in het nadeel van die partij - kan maken die zij geraden zal achten.
3.9.
Indien een partij wenst dat de kantonrechter bij de beoordeling van het geschil rekening houdt met bijvoorbeeld brieven of andere schriftelijke stukken, dient zij deze uiterlijk tien dagen voordat de zitting plaatsvindt aan de kantonrechter en haar wederpartij toe te zenden.
3.10.
Op de mondelinge behandeling wordt aan de gemachtigden van partijen de gelegenheid geboden de juridische standpunten van partijen nader toe te lichten. Daarbij mag gebruik worden gemaakt van beknopte spreekaantekeningen. Uitgebreide mondelinge en schriftelijke uiteenzettingen zijn niet toegestaan.
3.11.
Op de mondelinge behandeling zal, eventueel aan de hand van een voorlopig oordeel over de zaak, worden beslist hoe de procedure verder zal gaan. Daarbij kan ook de mogelijkheid van een schikking aan de orde komen. Partijen moeten er op voorbereid zijn dat de kantonrechter tijdens of na de mondelinge behandeling direct mondeling uitspraak kan doen.
3.12.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

4.De beslissing

De kantonrechter
In het incident
4.1.
veroordeelt [eiser] om binnen 30 dagen na het wijzen van dit vonnis aan Vredehof op kosten van Vredehof een afschrift te sturen van de foto’s van alle meterstanden per jaar vanaf 2019 en de verdeelsleutel voor de huurders/gebruikers van het hele pand;
4.2.
veroordeelt [eiser] om aan Vredehof een dwangsom te betalen van € 500,00 per dag voor iedere dag dat [eiser] niet aan de hoofdveroordeling voldoet, tot een maximum van € 25.000,00 is bereikt;
4.3.
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van het incident van € 409,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.
4.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
4.5.
wijst het meer of anders gevorderde af;
In de hoofdzaak
4.6.
beveelt een mondelinge behandeling en verschijning van partijen, bijgestaan door hun gemachtigden, voor het geven van inlichtingen, het nader onderbouwen van hun stellingen en het beproeven van een minnelijke regeling, door mr. F.J. Lourens, in het gerechtsgebouw te Alkmaar, Kruseman van Eltenweg 2, op een door de kantonrechter vast te stellen datum en tijd;
4.7.
bepaalt dat [eiser] dan in persoon aanwezig moet zijn en dat Vredehof dan vertegenwoordigd moet zijn door iemand die van de zaak op de hoogte is en hetzij rechtens hetzij op grond van een bijzondere schriftelijke volmacht bevoegd is haar te vertegenwoordigen;
4.8.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
woensdag 14 januari 2026voor een schriftelijke opgave van de verhinderdagen van de partijen en hun gemachtigden in de maanden
februari 2026tot en met
april 2026, waarna dag en uur van de mondelinge behandeling zullen worden bepaald,
4.9.
bepaalt dat bij gebreke van de gevraagde opgave(n) de kantonrechter het tijdstip van de mondelinge behandeling zelfstandig zal bepalen,
4.10.
bepaalt dat na de vaststelling van het tijdstip van de mondelinge behandeling dit in beginsel niet zal worden gewijzigd,
4.11.
wijst partijen er op, dat voor de mondelinge behandeling
90 minutenzal worden uitgetrokken,
4.12.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.J. Lourens en in het openbaar uitgesproken op 17 december 2025.

Voetnoten

1.Zie rand 77 van de conclusie van antwoord in de vordering en productie 38 van Vredehof.
2.Zie rand 2.17 van de dagvaarding en productie 11 van [eiser] .