Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[bedrijf 1]
Rechtbank Noord-Holland
De zaak betreft een bodemprocedure waarin de eisende partij de vernietiging van bepaalde bedingen in de algemene voorwaarden vordert. Bij tussenvonnis was reeds een voorlopig oordeel gegeven over de oneerlijkheid van de rente- en incassokostenbedingen. De eisende partij heeft hierop gereageerd met een akte, waarop de kantonrechter bij de eindbeoordeling ingaat.
De kantonrechter bevestigt dat artikel 11 (rente) en artikel 12 (buitengerechtelijke incassokosten) van de algemene voorwaarden oneerlijk zijn en vernietigt deze bedingen ambtshalve. Hierbij is van belang dat het niet uitmaakt of de eisende partij deze bedingen daadwerkelijk toepast, maar dat het gaat om de mogelijke toepassing ervan bij het sluiten van de overeenkomst.
De gevorderde hoofdsom wordt toegewezen omdat deze niet onrechtmatig is, maar de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en rente worden afgewezen. De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom en proceskosten, terwijl de kosten van de akte voor rekening van de eisende partij blijven. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De kantonrechter vernietigt de oneerlijke rente- en incassokostenbedingen en veroordeelt de gedaagde tot betaling van €1.238,30 en proceskosten.