Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De procedure
- Bijlage 1 van [gedaagde]
- de mondelinge behandeling van 27 mei 2025, waarbij mr. Stam spreekaantekeningen heeft overgelegd en de griffier voor het overige aantekeningen heeft gemaakt.
Rechtbank Noord-Holland
Partijen zijn uit elkaar en betrokken in een echtscheidingsprocedure waarbij de vrouw tientallen e-mails stuurde aan de man en zijn advocaat, vaak met beschuldigingen van verkrachting en bedreigende inhoud. Ondanks verzoeken te stoppen, bleef zij e-mails sturen tot de dagvaarding. De vrouw erkent het e-mailen maar stelt een goede reden te hebben gehad en is sinds de dagvaarding gestopt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het gedrag van de vrouw onrechtmatig is en een inbreuk vormt op het recht van de man op respect voor zijn privéleven zoals neergelegd in artikel 8 EVRM Pro. Gezien de ernst en het voortduren van het gedrag acht de rechter het aannemelijk dat dit onrechtmatig handelen zal worden voortgezet.
Daarom wordt een contactverbod opgelegd voor twaalf maanden, waarbij de vrouw zich moet onthouden van direct of indirect contact met de man en derden niet mag benaderen met diffamerende uitingen over hem. Uitzonderingen gelden voor communicatie via haar advocaat of in het kader van strafrechtelijke aangifte of behandeling. De dwangsom wordt vastgesteld op €100 per overtreding met een maximum van €1.000. Proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Contactverbod wordt toegewezen voor twaalf maanden met een dwangsom bij overtreding en proceskostencompensatie.